Nieuws in één oogopslag

Het Journaal toont kort en krachtig wat er speelt.

Journaal

Raadsinformatie

Alles kunnen vinden en niets missen. Met analyses & samenvattingen.

Maak een dossier

Verzamel informatie over een specifiek onderwerp.

Dossiers

Kies een vergadering

  • Th.J. (Diederik) Visser - CDA
  • E.H. (Ed) Klaarhamer - GBLV
  • G.D. (Guus) Beek - VVD
  • S.R. (Sangita) Paltansing - PvdA
  • A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66
  • J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks
  • Ph. (Philip) van Veller - wethouder
  • R. (Ron) van Duffelen - CDA
  • A.J.W. (Astrid) van Eekelen - wethouder
  • M.W. (Marcel) Belt - wethouder
  • J. (Jeffrey) Keus - wethouder
Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie. Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven. Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.

Raadsvoorstel vaststellen Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050


Th.J. (Diederik) Visser - CDA

En er is geen verzoek ontvangen voor het spreekrecht van inwoners. Dus daar ga ik over naar agendapunt 5: het raadsvoorstel vaststellen omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050. De context van dit voorstel is dat het college voorstelt om de omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050 vast te stellen. Hiervoor heeft het ontwerp omgevingsvisie ter inzage gelegen. Inwoners en organisaties konden een zienswijze indienen. Dat hebben velen gedaan. Dat zie je in de zienswijzennota, daar zijn ook de nodige wijzigingen doorgevoerd. Op 13 januari heeft het college nog een laatste presentatie in de beeldvorming gegeven, waarbij raadsleden al een feitelijke waarneming hebben kunnen doen. De feiten zijn dus bekend en nu is het aan u en de raad om een oordeelsvorming te doen. Je kunt uiteraard de insprekers betrekken bij het debat. Welke leden melden zich aan voor dat debat? Ik kijk even beginnend vanaf rechts.

E.H. (Ed) Klaarhamer - GBLV

Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, voor ons ligt een heel mooi document, onze complimenten hiervoor. Een document waar ook heel goed en intensief is meegedacht door de inwoners, maar ook door onze fractie. Uiteraard is met deze omgevingsvisie van onze gemeente niet het ideale plaatje voor 2050 geschetst. We zullen moeten omgaan met de beperkingen die we ook in onze gemeente hebben. De belangrijkste beperking is toch wel de forse woningbouwopgave met een beperkte beschikbare oppervlakte waar we willen bouwen. Want ja, hoe houden wij onze gemeente aantrekkelijk en groen zoals al eerder gememoreerd is hier in deze door de insprekers? In het collegevoorstel wordt aangegeven dat het hoogwaardige verblijfsklimaat van onze gemeente in belangrijke mate is gebaseerd op de rijke cultuurhistorie. Deze kwaliteiten worden gekoesterd en waar mogelijk versterkt in de omgevingsvisie. Kortom, we hebben echt wel iets om voor te gaan. Toch willen wij nog wat aandacht voor een paar zaken, voorzitter. Voorzitter, we zijn blij dat de norm van 3-30-300 is opgenomen. Tegelijkertijd wordt in de omgevingsrapportage aangegeven dat de omgevingsvisie op een aantal onderwerpen negatief scoort, zoals bijvoorbeeld luchtkwaliteit, hittestress, omgevingsveiligheid, natuur en klimaat. Het is goed dat in de stukken aangegeven wordt dat hier mitigerende maatregelen worden aangekondigd. Sorry, maar deze moeten nog wel vorm krijgen. De uitwerking van de aangekondigde programma's. Aan het college nadrukkelijk verzoek om bij de uitwerking van de betreffende programma's de verbetering van de bovengenoemde punten expliciet als criteria op te nemen. Kan de wethouder dit toezeggen? Dan de woningbouwopgave, voorzitter. De ambitie is 6000 woningen. Het is goed dat we willen bijdragen aan de regionale opgave. Maar de vraag is wel, wat betekent dit voor de kwaliteit van onze leefomgeving? Wij willen hier echt onderstrepen: wees zuinig op de beschikbare ruimte en wees zorgvuldig hoe en waar je bouwt. We hebben onze mond vol over onder andere luchtkwaliteit en hittestress. Het is dan ook van belang dat de bewoners van de nu te bouwen woningen in een gezonde omgeving terechtkomen, in een omgeving waar het ook in de toekomst buiten prettig verblijven is. Bij de invulling van de woningbouwopgave vinden wij voor onze vergrijzende bevolking een focus op woningen voor senioren van groot belang. Dit kan zorgen voor een goede doorstroming, en dat steunen wij. Maar je moet wel wat te bieden hebben als je senioren wilt verleiden om een ruime eengezinswoning op te geven. Betaalbaarheid is belangrijk, maar senioren willen ook kwaliteit en een beetje ruimte. Een deel van de doelgroep is ook in staat om iets meer te betalen voor een stukje kwaliteit. Daarom is er gedifferentieerd aanbod van seniorenwoningen van groot belang. Daarna is het ook uiteraard belangrijk dat de woningbouw in de komende decennia blijft aansluiten op de behoefte van de diverse doelgroepen. Dan de mobiliteit, voorzitter. In de omgevingsvisie wordt ook ingegaan op diverse vormen van mobiliteit. Wij lezen dat innovatieve concepten zoals de cable car en in goed Nederlands de kabelbaan, zelfrijdende elektrische shuttlebus of andere duurzame opties serieus afgewogen zullen worden. Op zich een positieve formulering, maar wij lezen hieruit nog niet de urgentie om dit op korte termijn aan te pakken. Wij zijn van mening dat de actie daarop niet kan wachten tot het volgend college. Kan de wethouder aangeven of hij deze mening ook deelt en of het college voornemens is om dit op korte termijn te willen onderzoeken? Voorzitter, het is ook belangrijk dat onze kinderen veilig en kansrijk kunnen opgroeien. Ook speeltuinen zijn daarbij van groot belang. Maar zorg daarnaast ook dat er voldoende ontmoetingsruimte is voor ouders, zodat zij gemakkelijk contact kunnen leggen met andere ouders en er een sociale cohesie ontstaat. Er is vanmiddag op een bijeenkomst sociaal domein uitgebreid over het belang hiervan gediscussieerd, dus graag aandacht hiervoor bij de uitwerking in de diverse programma's. Tot slot, voorzitter. Voor Stompwijk is nu opgenomen dat de benodigde woningen om het dorp vitaal te houden, vooral gebouwd moeten worden in het lint of in de percelen in de kern. Daarnaast wordt ook voorzichtig gedacht om ook nog in de Westeindepolder te bouwen, maar vooralsnog in het kader van het gebiedsprogramma is er sprake van minimale invulling op deze locatie. Voorzitter, het is ons bekend dat de provincie een behoorlijke blokkade legt op het bouwen in de Westeindepolder. Toch zijn we van mening dat gewenst is dat hier vanuit de gemeente echt voor wordt ingezet. Dat is ook overeenkomstig de wens van de vele inwoners van Stompwijk tijdens de laatste informatieavond. Bouw in het lint is zeker het onderzoeken waard, maar de tot nu toe geselecteerde locaties zijn volgens ons vele malen duurder dan de locatie in de Westeindepolder. Bovendien kan daar veel ruimer en groener worden gebouwd met veel minder krampachtige pogingen om parkeerplekken te realiseren, zoals nu bijvoorbeeld speelt bij de locatie Meerlaan van Zandhorststraat. Graag heeft daar nog de volgende vraag aan de wethouder: kunt u aangeven of er gesprekken lopen met de provincie om meer ruimte te krijgen voor het bouwen in de Westeindepolder? In het kader van het gebiedsprogramma onderzocht of om te verwerven particuliere gronden in het lint naar verwachting betaalbare woningbouw kan plaatsvinden en is met een woningbouwvereniging overlegd of zij op zulke kleinschalige projecten woningen kunnen en willen exploiteren. Onze grote angst is namelijk dat we, wanneer we uitsluitend bouwprojecten zoeken in het lint.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

De vitaliteit van het dorp veel te lang bij stilstaan, terwijl in de Westeinderpolder bij wijze van spreken morgen gebouwd kan worden. Tot zover.

Onbekende spreker

Ik dank u wel. Ron van Duffelen vragen. Ja, voorzitter, dank. Voorzitter, we naderen het einde van een lang traject. Wat begon met het kompas van de leefomgeving, gevolgd door de vier bouwstenen en de koersnotitie, eindigt in de omgevingsvisie en daarbij is de afgelopen jaren een uitgebreid participatietraject gevolgd. De CDA-fractie complimenteert het college en de ambtelijke organisatie met de wijze waarop de totstandkoming van de omgevingsvisie vorm en inhoud heeft gekregen. De omgevingsvisie leest als een ambitieus document dat onze gemeente de komende 25 jaar richting gaat geven. Voor het CDA is daarbij van belang, zoals in de commissievergadering in september ook al aangegeven, dat de basis op orde is. Voor het CDA betekent dit aandacht voor schone en veilige wijken, voldoende voorzieningen, groen en investering in ontmoeting en sociale cohesie. Voorzitter, de omgevingsvisie dient richting te geven aan de fysieke en de sociale leefomgeving. En hoewel het droombeeld in de samenleving in de samenvatting van de omgevingsvisie vast door iedereen wordt gedeeld, richt de omgevingsvisie zich voor het CDA toch voornamelijk op de fysieke leefomgeving. En daarbij rijst de vraag, welke richting ziet het college voor zich om de sociale leefomgeving, om, zoals de omgevingsvisie stelt en ik citeer: "We zijn in 2050 een sociale en inclusieve samenleving met gelijke kansen voor iedereen," einde citaat, te bereiken. Het CDA ziet hier kansen voor wijkontwikkelingen met betrokken inwoners. Een wijkbudget, voldoende voorzieningen voor onderwijs, sport, spel en zorg en bewoners die elkaar kennen en waar nodig helpen. Voorzitter, een aantal punten over de omgevingsvisie nog. In de commissievergadering van afgelopen september heeft het CDA benadrukt dat er grenzen aan de groei zitten. We kunnen nu eenmaal onze gemeente niet uitbreiden. De ambities zijn hoog en de ruimte is beperkt. Het college kiest er in de omgevingsvisie desalniettemin voor het aantal woningen met 6000 te laten groeien. En het gaat niet alleen om het aantal woningen, maar ook om de verkeersbewegingen die daar dan bijkomen. De voorzieningen die nodig zijn zoals parkeerplaatsen, maar ook onderwijs, sport, spel en zorgvoorzieningen. Kortom, voorzitter, de druk op de ruimte is groot en dat blijkt ook uit de omgevingseffectrapportage. Het CDA verneemt graag van het college hoe de afweging tussen ruimte en gebruik de komende jaren gemaakt wordt en hoe we sturen op de woningbouwambitie. Hoe voorkomen we dat de druk op de voorzieningen te groot wordt? Woningbouw te veel ten koste gaat van natuur. Dat wonen genot omslaat naar woonoverlast en de sociale cohesie onder druk komt te staan. Kortom, kunnen we zeggen: het is voldoende, de ruimte is op. Gaan hier ook op monitoren, graag een reactie van het college. Voorzitter, dan bereikbaarheid verbonden, zoals dat heet in de omgevingsvisie. We missen hier de integraliteit in de omgevingsvisie. Gisteren en ook vanavond riepen verschillende insprekers over de Vlietlijn. Of nou, ik begreep gisteren misschien ook wel de Binckhorstlijn al op tot een integrale benadering. Het CDA ondersteunt deze oproep en de omgevingsvisie is voor het CDA het middel om de Vlietlijn, het huidige tracé, de Koningscorridor, ontwikkelingen aan de Westvlietweg en elders binnen een nader te bepalen straal integraal en regionaal te gaan benaderen en af te stappen van het lokale postzegelplan. Kortom, zoals verschillende insprekers zeiden: begin bezint eer ge begint. Graag neemt het CDA van het college of het bereid is in de omgevingsvisie tot een heroverweging en integrale afweging van OV-verbindingen te komen. En in dat kader doet het CDA ook het voorstel om niet alleen het doortrekken van lijn 6 naar de Noordsingel te verkennen, zoals de omgevingsvisie stelt, maar dan ook groots te durven denken en te verkennen of lijn 6 via Schakenbosch en Vlietvoorde doorgetrokken kan worden naar de Star. We slaan dan twee vliegen in één klap. We ontsluiten het noordelijk deel van Leidschendam-Noord met OV en Leidschendam-Zuid. Dat er nu ontbreekt, graag een reactie van het college. Voorzitter, bij groen heeft het CDA herhaaldelijk gepleit om de groenorm, de 3-30-300 norm, vast te leggen. Het is fijn die norm terug te zien. Tegelijk staat in de omgevingsvisie en ik citeer: "Bij grote ontwikkellocaties hanteren we de 3-30-300 richtlijn. Het streven is binnen de locatieontwikkeling invulling te geven aan de 3-30-300 richtlijn," einde citaat. Voorzitter, het CDA vraagt zich af wat hier nu staat. Kiest het college voor de groenorm als prestatieverplichting of als inspanningsverplichting? En het laatste is echt een gebrek aan ambitie. Juist bij ontwikkellocaties is voor de toekomstige bewoners van belang dat we de ontwikkelaars niet alleen maar wonen en ruimte laten produceren, maar ook groen laten realiseren. Als we groen echt belangrijk vinden, leggen we de norm vast in een prestatieverplichting. Juist ook bij ontwikkellocaties graag een reactie van het college. Voorzitter, tot slot het advies van de commissie MER dat behelst dat de, het werd vanavond ook al een paar keer genoemd door insprekers, dat behelst dat de focus in de omgevingsvisie vooral gericht is op woningbouw en arbeidsplaatsen en niet onderscheidend is op natuur, energie en water. Op een aantal milieuthema's zijn zelfs negatieve effecten.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Vraag is aan het college hoe het invulling geeft aan dit advies en bereid is nadere duiding te leveren voordat de Raad de omgevingsvisie vaststelt. Dank u wel. Dank u wel en het vriendelijk verzoek om uw pasje erin te stoppen of in ieder geval nog een keer opnieuw te proberen, want hij liep niet mee met een tijd die wordt wel bijgehouden overigens. Werkte dat niet?

G.D. (Guus) Beek - VVD

Ja, ik merk dat het publiek mij zo beter kan zien en dat ik ook zie hoeveel tijd ik kan benutten. Voorzitter, voor ons ligt de omgevingsvisie van Leidschendam-Voorburg. Ruim binnen de gestelde termijn is de visie tot stand gekomen en dat is een felicitatie waard voor de wethouder en de ambtelijke staf. Goed gedaan en dan ook nog eens met een vernieuwde vorm van participatie. Samen met inwoners, organisaties en ondernemers is er uitgebreid geparticipeerd. Bijeenkomsten in alle kernen, enquêtes, inspraak konden en dat zijn meer dan 50 contactmomenten geweest met alle inwoners. Er zijn goede gesprekken gevoerd. Door een aantal sessies bij te wonen, ben ik daarvan getuige geweest. Daarom ook dank voor de inzet van onze inwoners en ondernemers. Maar ook de raad is op zorgvuldige wijze meegenomen in het proces door interactieve sessies. Al met al is er veel inzet gepleegd en het resultaat mag er zijn. Voorzitter, de afgelopen jaren heeft de VVD Leidschendam-Voorburg zich hard gemaakt om ruim baan te geven aan een veilig, groen en ondernemend Leidschendam-Voorburg, oftewel de titel van ons toenmalige verkiezingsprogramma. En met die bril kijken wij dan ook naar deze omgevingsvisie. Een plek voor iedereen? Wonen en bouwen voor alle doelgroepen. Als VVD Leidschendam-Voorburg hebben we de afgelopen periode ons al ingezet om te bouwen voor alle doelgroepen, maar hebben we met name aandacht gevraagd voor verzorgende beroepen, leerkrachten en politiemedewerkers. Voor de voorzieningen zoals sport en wijkcentra is een vastgoednota vastgesteld en we investeren in goede en veilige schoolgebouwen. De visie zet in op het bouwen van 6000 woningen, met name bij OV-knooppunten en met behoud van groen door de 3-30-300 regel. Daarnaast is er voorzien dat er wordt meegegroeid met een aantal basisvoorzieningen. Daarvoor is nu een minimaal percentage van 5% benoemd in de visie in de economische plint. De wens van de VVD, en ik hoop dat de wethouder daar ook even op kan reageren, is dat dit 10% wordt. Als we willen dat wonen en werken dichter bij elkaar komt, dan is dat nodig. Tevens denken we dat ook de vergrijzing zal zorgen voor meer druk op de zorg en dat deze zorg zal moeten worden verleend waar mensen wonen, dus dichterbij in de buurt. De groei zal in algemene zin ook druk leggen op hulpverlening en politiediensten. Maar wij gaan ervan uit dat onze burgemeester dat scherp in het vizier heeft. Economisch vitaal. In 2050 zijn we nog steeds een waardevolle woongemeente met een onderscheidend vestigingsklimaat. Daar zijn al grote stappen ingezet. Het plan voor de Julianabaan is door deze raad goedgekeurd. De zes bedrijventerreinen worden in samenwerking met de MRDH opgeknapt en toekomstbestendig gemaakt. De bedrijvigheid die we wensen op deze plekken is stadsverzorgend, waarbij we graag willen dat het daarbij bijdraagt aan de werkgelegenheid voor onze zo gewaardeerde mbo'ers, om dat ook maar weer eens te zeggen. Goed verbonden. We zijn in 2050 nog steeds goed bereikbaar. Daar is in de afgelopen jaren ook stevig voor aan de weg getimmerd. Fietspaden zijn veiliger geworden door asfaltering en wegen zijn op de schop gegaan, ook door aandacht te vragen voor het verkeersvraagstuk. Met het verkeersveiligheidsplan zijn er knelpunten aangepast in onze gemeente. Voor het centrum zijn ook verbeteringsplannen om de verkeersdruk te verminderen. Voor de toekomst wordt ingezet op STOMP. Dat is een zinnige stap om ervoor te zorgen dat kleine verplaatsingen binnen de gemeente met de auto niet meer worden gedaan, maar daar waar het nodig is voor werk, zorg of familie is dat anders. Als STOMP alleen wordt ingezet als een autobelemmerende maatregel, dan is dat wat ons betreft niet gewenst. Kijk naar de effecten van Voorburg-Noord. STOMP moet namelijk in goed overleg worden ingevoerd, waar dan ook en hoe dan ook. Als randvoorwaarde is dan ook een twenty-four-seven...

S.R. (Sangita) Paltansing - PvdA

OV zou daarvoor beschikbaar moeten zijn

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Die zin, die loopt niet. Maar dat u begrijpt dat de bedoeling is dat alles stroom wordt ingevoerd, dat je 24/7 OV beschikbaar hebt.

G.D. (Guus) Beek - VVD

Snap deze niet en ik ben eigenlijk best wel verbaasd dat u dat zegt, want Stomp is toch al enige tijd het principe in onze gemeente, meneer Beek. Dat klopt. Daar heeft deze raad ook een uitspraak over gedaan. Alleen wat we nu zien is dat de auto wordt uit de wijken geweerd door structureel parkeerplaatsen af te bouwen en dat is met het gebrek aan alternatieven. Dat is dat denk ik niet de bedoeling van het plan en wij willen dus graag dat het, als je Stomp invoert, doordat...

S.R. (Sangita) Paltansing - PvdA

Overleg met de wijk, kijk wat er nodig is in deze wijk. Mensen hebben die auto gewoon nodig voor hun werk, en dat willen we ze niet afpakken. Mevrouw Paltansing, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb normaal gesproken deze discussie met de heer De Klerk, maar met u vind ik het ook wel leuk. De auto wordt niet geweerd uit onze gemeente. De auto blijft gewoon bestaan in onze gemeente, want het is geen natuurverschijnsel die hier wil schudden, zoals de heer De Klerk altijd zegt. Maar de auto bestaat gewoon, zoals de heer De Klerk altijd zegt, en wij gaan nu een beweging maken naar duurzame mobiliteit en daar horen allerlei aanpassingen bij en die hebben wat tijd nodig.

G.D. (Guus) Beek - VVD

Maar dat betekent niet dat de auto wordt geweerd uit onze gemeente, dus ik wil daar echt wel een beetje afstand van nemen van wat u zegt, want het is gewoon niet waar. Meneer Beek, dat is uw mening, maar onze mening staat daar een beetje haaks op. Wij zien wel dat door die maatregelen de mobiliteit van individuen wordt beperkt, want allerlei vormen van mobiliteit zoals deelmobiliteit werken niet als mensen naar hun werk.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Moeten, die

Onbekende spreker

Langs de snelweg zit. Daar komt geen openbaar vervoer, dus daar wil ik het even bij laten. Mag ik verder met mijn betoog? Ja, ik moet nog deze alinea afmaken dat we toch aangeven dat het OV wel van groot belang is. Een voorbeeld daarvan is de Vlietlijn die we dan wel willen hebben, maar we hebben al een aantal moties ingediend om aan te geven dat we dat ding dan bij voorkeur onder de grond willen hebben. Dus in die zin hebben we daar aandacht voor. En nu er een mooie visie ligt voor onze gemeente, dringt ook de vraag op wat er gebeurt in onze omgeving. Onze buren roeren zich met woningbouw en er zijn plannen in de flexzone. Dat laatste wordt door veel inwoners gezien als onze groene long. Hoewel dit en hoewel het buiten de planperiode van de visie valt, is de Huygenstunnel prominent op de agenda gekomen. Maar de vraag is, blijft dat zo en lukt dat ook met onze buurgemeenten? Hoe ziet de wethouder deze ontwikkelingen in het licht van onze visie? Samengevat, kunnen we zeggen dat het een mooie visie is voor een mooie groene gemeente om in te wonen, werken en recreëren met uitdagingen voor bestuur.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

En ondernemers. Als we er samen de schouders onder zetten, moet het lukken om het goede te behouden.

Onbekende spreker

Dank u wel. Meneer Scheer. Dank u wel, voorzitter. Om positief te beginnen: in de omgevingsvisie staan mooie ambities. Ook wij van de fractie Aandacht-LV staan voor verkeersveiligheid, maar dat vraagt om realistisch en bewezen effectief beleid, niet om verwachtingen alleen. In het raadsvoorstel schrijft het college dat waar mogelijk de snelheid wordt verlaagd naar 30 km per uur, omdat dit naar verwachting een positief effect zou hebben. Daarbij wordt gesteld dat 50 km per uur op die wegen niet langer wenselijk of noodzakelijk zou zijn. Voorzitter, juist die aanname baart ons zorgen. Uit het CBS-gegevens blijkt dat in Amsterdam het aantal verkeersdoden na invoering van de 30 km per uur met 50% is gestegen, van 16 in 2023 naar 24 in 2024. Ook cijfers uit Brussel laten zien dat het aantal verkeersdoden sinds de invoering van 30 niet structureel is gedaald. Hoewel het aantal ongevallen tussen fietsers en gemotoriseerd verkeer in Amsterdam afnam, steeg het aantal fietsongevallen tussen fietsers onderling met 50%. Dat is een serieus en vaak onderbelicht risico. Daarnaast blijkt uit onderzoek van het Amsterdam UMC en TNO dat de luchtkwaliteit gelijk is gebleven en dat de geluidsreductie gemiddeld slechts 1,5 decibel bedraagt en dat is namelijk nauwelijks hoorbaar. Voorzitter, op basis van deze feiten kan niet worden vastgesteld dat de generieke invoering van 30 km per uur aantoonbaar veiliger of duurzamer is. Dat leidt tot de volgende vraag aan de wethouder: is het college bereid verdere opwaardering naar 30 km per uur op te schorten totdat onafhankelijk is onderzocht of deze maatregel daadwerkelijk leidt tot minder verkeersdoden? Zo nee, waarop baseert het college dan de effectiviteit ervan? Op welke concrete feiten en onderzoeken baseert het college de verwachting dat 30 km per uur een positief effect zal hebben, gelet op onder andere de cijfers van het CBS? Hoe voorkomt het college dat zich in Leidschendam-Voorburg een vergelijkbare toename voordoet van ongevallen tussen fietsers onderling? Hoe onderbouwt het college dat deze maatregel bijdraagt aan duurzaamheid en leefbaarheid wanneer de milieueffecten minimaal of onzeker zijn? En tot slot, hoe voorkomt het college dat 30 km per uur een doel op zich wordt in plaats van een middel dat alleen wordt ingezet waar het aantoonbaar werkt?

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Verkeersveiligheid vraagt om maatwerk en bewezen effectiviteit, niet om beleid op basis van aannames. Dank u wel. Dank u wel, ook bij u deed uw pasje het niet, dus

A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66

Hebben de tijd wel bijgehouden. Dan gooit ie zometeen nog wel hoeveel tijd u over heeft. D66 meneer Hielkema graag. Dank u wel, voorzitter. Als eerste vanaf deze plek een pleidooi voor een wat inclusiever spreekinrichting, zodat ook deelnemers van deze vergadering boven de 1 m 90 zonder rugklachten te ontwikkelen staande kunnen deelnemen. Dan graag wil ik graag de wethouder en allen die hebben bijgedragen aan deze visie willen bedanken. Het is een heleboel complex werk en samengebracht in een waardevol document. Het is een visie die richting geeft aan toekomstbestendige gemeente, waarin veel van de keuze waar D66 voor staat herkenbaar zijn. En ik zal kort aangeven hoe D66 de invulling van de visie op het aantal punten ziet. Zoals wonen, voorzitter, er is veel een veel te groot woningtekort. Daarom is D66 tevreden met de ambitie om 6000 nieuwe woningen te realiseren. D66 streefde daarbij naar om ook per ontwikkellocatie binnen de afspraken te maken over groen, sociale huur, betaalbare koop en middenhuur, zodat starters, jonge gezinnen en ouderen in onze groene gemeente kunnen wonen. En waar nodig gaat de gemeente wat D66 betreft zelf investeren door grond aan te kopen, te participeren of regels waar dat kan te versoepelen. Voor klimaat en duurzaamheid stelt deze visie 2050 als moment voor CO2-neutraliteit. We maken dit graag compleet door bijvoorbeeld een koppeling te maken naar de benutting van geschikte taken voor zonnepanelen. En door continu inzicht te geven in de voortgang van wat we doen, hoeveel wijken worden er vergroend? Waar wordt de 3-30-300 norm gehaald? Hoeveel hittestresslocaties worden aangepakt en hoeveel stadsnatuur is er eigenlijk bijgekomen? Als dat doen, maken we duurzaamheid zichtbaar, meetbaar en eerlijk en verbeteren we tegelijkertijd gezondheid en leefkwaliteit voor onze inwoners. En dat is nodig, want we willen niet alleen tempo maken. We willen ook onze inwoners meenemen. Op het gebied van mobiliteit zijn gezonde keuzes belangrijk. De visie zet stappen richting 30 km per uur en de 15-minutenstad. Maar D66 ziet dat graag wat steviger. 30 km per uur beperkt de snelheidsverschil. Hij geeft kinderen, ouderen en fietsers letterlijk meer ruimte en veiligheid. Feitje, bij 50 km per uur is de kans dat een voetganger of fietser een aanrijding niet overleeft 80%. Bij 30 km per uur is dat bewezen nog maar 10%. Eén van de inwoners zei hier ook al wat over. D66 wilde daarom versneld invoeren. Er is implementatie nodig en dat vraagt om een uitvoeringsplan. De prioriteit geeft aan schoolomgevingen, winkelstraten en routes voor langzaam verkeer. Ook is er een prioriteitenkaart nodig voor ontbrekende fietsroutes, inclusief veilige oversteekplaatsen, zodat we deze visie snel werkelijkheid kunnen gaan maken. Onze gemeente ligt strategisch in de regio waar het gaat om mobiliteit. En D66 ziet dan graag ook dat er strategisch wordt gekeken naar de mobiliteit in deze regio. Ten aanzien van het buitengebied vinden wij dat dat een brede toekomstvisie verdient. D66 vindt dat de omgevingsvisie uitstraalt dat het buitengebied dus ook een landbouwgrond en dus ook de landbouwgrond niet alleen productielandschap is, maar ook een plek voor biodiversiteit, flora en fauna, waterberging en klimaatadaptatie. Dat kan wat ons betreft nog sterker door het pand van nieuwe bossen, bloemrijke akkerranden en meer natuurverbindingen. Zo maken we het buitengebied een ecologische motor voor de hele gemeente waar inwoners en dieren kunnen genieten van het buitengebied en dragen we bij aan het oplossen van de stikstof- en klimaatopgave en zien we af en toe nog eens een koe of een varken. Zoals ik eerder vanavond dreigde te horen dat het niet meer kan in de toekomst. Het is belangrijk om zorgvuldig om te gaan met ons groene buitengebied. En dit waar mogelijk te beschermen, want eenmaal volgebouwd komt het nooit meer terug. Tegelijkertijd is het ook belangrijk dat inwoners het goede buitengebied kunnen beleven. De omgevingsvisie borstel dat D66 betreft nu onvoldoende dat het open en groene karakter van Vlietland behouden blijft ook op de lange termijn. Daar wil D66 graag geen omgevingsvisie waarin het groen in Vlietland synoniem wordt gemaakt met intensieve recreatie. Kan het college toelichten wat precies wordt verstaan onder intensieve recreatie in Vlietland en waarom is niet gekozen voor een formulering die natuurwaarden en landschappelijke inpassing expliciet centraal stelt? D66 kiest voor een visie waarin mogelijke bebouwing op Vlietland alleen kan plaatsvinden wanneer deze landschappelijk wordt ingepast in het groene gebied en op een schaal die daarbij past. In de tekst en visie moest voor D66 de nadruk sterker komen te liggen op natuurontwikkeling in plaats van realisatie van vakantiehuizen, meer op biodiversiteit dan op eenheidsworst en meer op natuurinclusieve recreatie. Sorry dan op grootschalige of pretparkachtige voorzieningen. Het gaat erom een visie te hebben die het open karakter van Vliet respecteert en die borgt dat de natuur daadwerkelijk kan worden beleefd. Zo blijft Vlietland zoveel mogelijk een groene plek waar natuur en recreatie hand in hand gaan. D66 wil een omgevingsvisie die duidelijk maakt dat aan het bestaande groen in Vlietland grote waarde wordt gehecht en dat hier bij de verdere ontwikkeling van het gebied nadrukkelijk rekening moet worden gehouden. Ook door de provincie Zuid-Holland als eigenaar van het gebied. Daarbij is het van belang dat provinciale belangen zorgvuldig en transparant worden meegewogen zonder deze op voorhand vast te leggen in bijvoorbeeld concrete aantallen bebouwing of vergaande detailleringen. En dan last but not least democratie en participatie. D66 ziet graag dat onze inwoners echt mee kunnen doen. Participatie is geen afvinklijst, maar juist het kloppend hart van onze gemeente. We willen dat inwonerspanels zoals het kindervragenuur structureel ingezet gaan worden en duidelijk wordt afgesproken welke invloed mogelijk is op onder andere de omgeving in onze gemeente. Het is belangrijk om inwoners invloed te geven, zo bouwen we aan vertrouwen en houden de betrokkenheid van inwoners bij het politiek levend. Voorzitter, D66 wil de omgevingsvisie snel van het papier halen en in de echte wereld realiseren. We kiezen voor bouwen waar het kan, voor groene waar het moet en beschermen.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Wat van blijvende waarde is. Zo werken we aan de realisatie van de visie waarin Leidschendam-Voorburg groener en toekomstbestendig is voor iedereen. Dank u wel, voorzitter. Dank u wel en uw.

A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66

1 m

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Dank u wel, GroenLinks. Dank u, voorzitter. We doen vanavond recht aan het belang van de omgevingsvisie. Er ligt een prachtig en rijk document waar hard en lang door veel mensen aan is gewerkt binnen de organisatie en eromheen in de participatie. Want de omgevingsvisie gaat niet alleen ons als partijen in het gemeentebestuur aan het hart, maar ook en terecht de inwoners van onze gemeente. Dat blijkt ook wel uit de vele zienswijzen die zijn ingediend en die we in het zienswijze document aantreffen. Maar ook uit de passie van de insprekers die we vanavond hebben gehoord. Voorzitter, een visie is noodzakelijkerwijs algemeen. Het heeft grote lijnen en een toekomstperspectief. Dat is hier ook het geval. Een groot staatsman zei ooit: "Voor visie moet je naar de oogarts." Nou, ik denk dat het college zeker naar de oogarts is geweest, maar het brilvoorschrift heeft niet helemaal geleid tot een gebalanceerde blik. De ogen werken nog niet helemaal samen als het ware en het ene oog werkt beter dan het andere. Waar is de brede integrale blik? Waar zijn de heldere keuzes en waar zijn de scherpe ambities? Waar zijn de keuzes tussen de verschillende, soms conflicterende doelen? Ik noem een paar belangrijke dingen. We kunnen heel veel zeggen over alle onderdelen van de omgevingsvisie en dan zouden we hier heel lang zitten, dus dat ga ik niet doen, er is al veel gezegd. Ik ga het eerst even hebben over die 3-30-300 groennorm. In het Groen Actieplan 2024-2026 staat dat in de omgevingsvisie zal worden vastgelegd hoe we deze norm gaan hanteren en her en der komen we die norm ook tegen. Als richtlijn, als streven, niet per se als uitgangspunt, niet als norm. Dan lees ik dat voor grote nieuwbouwprojecten doen we dat en als het niet lukt, nou, dan lukt het niet. Voorzitter, voor mijn fractie is dat volstrekt onvoldoende. Ten eerste betekent dat dat de ambitie bij grootschalige nieuwbouw gemakkelijk onder druk komt te staan, want dat vereist een keuze. Een keuze voor het belang van groen, biodiversiteit en gezondheid. Ten tweede betekent dat dat waar in de bestaande woonomgeving deze norm niet wordt gehaald, en die plekken zijn er, kijk maar op de kaart die we bij de beeldvorming vorige week kregen, er ook geen ambitie, geen concrete ambitie is om daar wel mee aan de slag te gaan. En door de formulering van het afwegingskader ben ik er ook niet helemaal gerust op of dit goed gaat werken, want daar zien we dat de verschillende uitvoeringsprogramma's die op deze visie gaan volgen, vooral op hun eigen interne merites en prioriteiten worden getoetst en bijvoorbeeld bij het toetsingskader voor de ambitie wonen vinden we niet de 3-30-300 normen terug. En dan is er nog de natuurherstelwet. Ik zou de 3-30-300 norm graag als een prestatiedoelstelling zien en niet als een streefdoel. Het CDA noemde dat ook al. Dan is er nog de natuurherstelwet. Op grond van deze Europese verordening moet de gemeente in de benen, omdat vanaf 2031, dus niet pas in 2050, een toenemende trend moet worden gerealiseerd in elk stedelijk ecosysteemgebied in de stedelijke boomkronendekking, totdat het bevredigend niveau is bereikt, dus niet pas in 2050. Daar zijn we ook nu al aan gebonden. Ik hoor graag van de wethouder waarom deze ambitie niet op deze manier concreet is opgenomen in de omgevingsvisie. En dan Vlietland Noord. Ja, voorzitter, Vlietland. Ik zie dat de zienswijze over de definitie van Vlietland Noord als recreatie- en natuurgebied in plaats van alleen recreatiegebied is overgenomen, maar dat heeft niets te betekenen gehad voor de ambities met betrekking tot Vlietland Noord. Tot verbazing van mijn fractie vinden we daar een hele redenering over het belang van economische en toeristische ontwikkeling, de transformatie van Vlietland met het oog op nieuwe arbeidsplaatsen. En het is toch op zijn zachtst gezegd wel een beetje vreemd dat de PR-taal van een watersportondernemersplatform de 8 Hollandse Plassen zijn plek vindt in de omgevingsvisie. Daarmee zien we precies terug dat de balans niet goed is. Vlietland Noord is een gebied voor natuur en recreatie en dat er intensieve recreatie is, dat zien we elke dag gebeuren, maar niet ten koste van alles. En wat het college onder intensieve recreatie verstaat, nou, daar ben ik ook wel benieuwd naar. Op deze plek moeten we immers ook de biodiversiteit zorgvuldig koesteren. Dat er plannen zijn met Vlietland Noord weten we allemaal, dat niet iedereen daarbij staat te juichen, weten we ook. Maar plannen kunnen veranderen en met de opgave die we voor ons zien om in 2050 en daarna een goede leefomgeving te bieden, zou ik willen voorstellen om met de kans die deze omgevingsvisie ons nu biedt, een nieuwe ambitie voor Vlietland neer te leggen. Groen en open voor iedereen. Want ik ben ook blij te horen dat D66 ook langs deze lijnen denkt. Want de omgevingsvisie hoeft geen consolidatie te zijn van wat er is. Zeker, er ligt een bestemmingsplan al 20 jaar. In die 20 jaar is er wel veel gebeurd. De natuur heeft zich, zoals dat gaat met natuur als je die een beetje met rust laat, ontwikkeld. De soortenrijkdom is toegenomen, het denken over hoe we omgaan met onze schaarse natuur is ook veranderd. De Omgevingsdienst Haaglanden heeft geconstateerd dat in het bestemmingsplan wat er nu ligt helemaal niet duidelijk is dat de natuurwaarde van het gebied, die natuurwaarde die we gehouden zijn te beschermen, daadwerkelijk beschermd kan worden. U heeft de inspreker namens de Bomenbond gehoord. Er hangt ook nog een bestemmingsplan boven ons hoofd, omdat er nu uitziet wat er met de vele zienswijzen is gebeurd. We weten het nog steeds niet wanneer we daarover gaan besluiten. Geen idee, dus alle gelegenheid en alle ruimte om nu te zeggen, we stoppen ermee. Er komt geen villapark. Ik zou graag willen weten hoe de collega's van de andere fracties hierover denken en wat de wethouder hiervoor aan opties ziet. In dit kader wil ik ook nog even de bruidsschatregels noemen. Daar hebben we het strikt genomen niet over, maar we hebben daar vragen over gesteld over het vergunningvrij bouwen op basis van artikel 22.27 van de bruidsschatregeling. Vragen zijn heel snel beantwoord, waarvoor dank aan de organisatie. Maar naar aanleiding daarvan reist nu bij ons de vraag of die bruidsschatregels niet meer op maat van onze gemeente zouden moeten worden gemaakt. Dat kan, dat is ook al eerder gebeurd. De regels die we zo van het Rijk hebben gekregen, zijn op dit moment blijkbaar voor meerdere uitleg vatbaar. Wat ons betreft scherpen we in elk geval deze bepaling zodanig aan dat het misverstand over de reikwijdte uit de weg wordt geruimd. Ik ben benieuwd of de wethouder ruimte ziet om dat op korte termijn ook te gaan doen. Zal verder niet in detail ingaan op de plannen voor bouwen in het groen. We hebben ook hierover de inspraak gehoord. Dat moeten we gewoon niet doen. Over STOMP, dat veel beleden principe van de gewenste mobiliteitsvormen, wil ik nog wel iets kwijt. We vinden dit principe ook in de omgevingsvisie uitgebreid terug, maar waar willen we dan naartoe? En nog belangrijker, wat gaan we dan doen tussen nu en 2050? De Commissie MER schrijft in zijn advies over de juistheid en de volledigheid van het omgevingseffectrapport bij de omgevingsvisie: het is niet duidelijk wat het verschil is tussen het gematigd en volledig doorvoeren van STOMP in het OER, zeg ik nu maar even, het omgevingseffectrapport onderzocht de alternatieven. Dat alternatieve onderzoek geeft een te beperkte en te weinig uitgewerkte invulling aan het STOMP-principe. En dat brengt me bij het omgevingseffectrapport en het oordeel van de Commissie MER daarover. Dat oordeel is niet mals. De huidige alternatieven, de twee alternatieven die zijn onderzocht, hebben beide één grote focus op woningbouw en arbeidsplaatsen. Ze geven daarmee een hele smalle invulling aan het alternatieve onderzoek. Zo zijn de alternatieven niet onderscheidend voor onder andere natuur, energie en water. Ook laat het omgevingseffectrapport zien dat er op dit moment geen zicht is op het halen van de doelen voor de ambities uit de toekomstperspectieven: duurzaam, toekomstbestendig en hoogwaardig verblijfsklimaat. Op een aantal belangrijke thema's, hittestress, impact op natuurgebieden, soorten en biodiversiteit, zijn negatieve effecten te verwachten. Bovendien maakt de Commissie uit de participatieverslagen op dat inwoners een schone en groene omgeving en het versterken van biodiversiteit en ecologische kwaliteit belangrijk vinden. Dus ook de Commissie MER constateert: de omgevingsvisie is niet in balans en behoeft aanvulling. Dus waarom, vraag ik de wethouder, is er niet voor gekozen dit advies van de Commissie MER volledig ter harte te nemen en deze aanpassingen en andere gevraagde aanpassingen te doen om, zoals gevraagd, nee, dringend geadviseerd, de bestaande alternatieven te verbreden met in elk geval natuur, biodiversiteit en energie, het STOMP-principe duidelijk en concreet uit te werken en dit alles voordat we tot besluitvorming over de omgevingsvisie overgaan. Is de wethouder bereid dit nu alsnog aan het omgevingseffectrapport toe te voegen, opdat de omgevingsvisie wel in balans komt en ook recht doet aan de wensen en...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Die in de participatie en in de zienswijze door

S.R. (Sangita) Paltansing - PvdA

Inwoners zijn geuit? Tot zover, voorzitter, dank u wel. Ik dank u wel. Voorzitter, gezien de vorige bijdrage, hou ik het kort. Zoals al gezegd is, spreken we vanavond over een belangrijk onderwerp, de omgevingsvisie, een visie die niet over één nacht ijs tot stand is gekomen, maar waar een zorgvuldig traject aan vooraf is gegaan met technische sessies met vertegenwoordigers vanuit de raad, tussentijdse besluitvorming over de verschillende bouwstenen van de omgevingsvisie, maar ook met participatie vanuit de inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties en als vernieuwend aspect participatie door middel van een inwonerspanel. En dat heeft veel waardevolle informatie opgeleverd, wat uiteindelijk heeft geresulteerd in de omgevingsvisie die voorligt. Zoals het een visie betaamt, gaat het in een visie over de stip op de horizon. Wat voor gemeente willen wij zijn als Leidschendam-Voorburg en hoe ziet dat er dan uit? Wat is onze stip op de horizon? Ik lees in de omgevingsvisie dat we een groenere gemeente willen zijn met een prettig verblijfsklimaat. We willen een duurzame en toekomstbestendige gemeente zijn. We willen in de periode tot aan 2050 6000 woningen bijbouwen. We blijven een verbonden gemeente, oftewel goed bereikbaar, met ruimte voor recreatie, voor ondernemerschap, duurzame bedrijfsterreinen, meer stadsnatuur, et cetera. Mijn collega van GroenLinks zei het al, sommige doelen conflicteren met elkaar. Ik voeg daar nog aan toe: richting ontbreekt op sommige punten. En als het dan zover komt dat er een keuze moet worden gemaakt, welke ambitie delft dan het onderspit? Wordt dat groen, worden dat de broodnodige huizen, wordt dat ruimte voor ondernemerschap? Hoe staat het in de omgevingsvisie opgeschreven? We moeten goed afwegen wat we willen doen met de beperkt beschikbare ruimte. We zullen het ruimtegebruik moeten intensiveren. Wat dat intensiveren dan is, lees ik niet terug in de omgevingsvisie. En zo staan er meer van dergelijke passages door de hele omgevingsvisie heen, waarbij ik denk: welke kant gaan we nou op of wat betekent dit nu concreet? Voorzitter, wat er nu ligt, kunnen we vooralsnog alle kanten mee op als raad en straks ook de nieuwe gemeenteraad. Onze meer concreet inhoudelijke punten zijn al ingebracht door mevrouw Seriese van de GroenLinks-fractie. Vanuit de PvdA-fractie ondersteunen wij deze punten van harte en zien hierop graag de reactie van de wethouder alsook die van de andere fracties tegemoet. Tot slot, voorzitter, in deze omgevingsvisie en het hele traject ernaartoe is veel werk gaan zitten. Ondanks mijn enigszins kritische noot wil ik absoluut...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Mijn dank uitspreken aan de ambtelijke organisatie die dit samen met de wethouder tot stand heeft gebracht. Dank u wel, voorzitter. Ik dank u wel, dan zie je mij de eerste termijn afgelopen. Ik kijk even naar het college. Ik neem aan dat u een moment met elkaar wil hebben om met elkaar te praten. Hoeveel tijd denkt u daarvoor nodig te hebben? Een halfuur. Ik stel voor dat we dan om 09.30 uur verder.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Mag ik de dames en heren verzoeken om hier te gaan zitten? Mag ik dan wethouder Van Eekelen vragen om te beginnen met de beantwoording namens het college.

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Ja, dank u wel, voorzitter, en dank u wel, leden van de raad. Dank u wel, insprekers ook. Het is een mooie avond over een heel mooi stuk waar jaren aan is gewerkt door onszelf, door ambtenaren, door allerlei mensen die hebben bijgedragen op allerlei mogelijke manieren. En uiteindelijk ligt er dan de omgevingsvisie en zoals al werd aangegeven, dat is inderdaad een visie, dus een stip op de horizon. Ik kan me nog wel herinneren dat ik echt stond te popelen om ermee aan de slag te gaan, omdat ik dat zo'n mooie vraag vond: wat voor gemeente willen we zijn? En die gemeente geven we hier aan. Dit is wat voor gemeente we willen zijn. En zoals ik al in de inleiding ook schreef, ja, uiteindelijk kwam ook wel uit die participatie en uit allerlei gesprekken en ook wel uit die insprekers, ja, eigenlijk zijn we gewoon heel erg blij met onze gemeente zoals die er is. En zien we al heel snel van: ah ja, we willen hier gewoon heel fijn blijven wonen in een hele mooie, groene, bereikbare, hoogwaardige gemeente. Aan de andere kant, om dat zo te houden, moet er heel veel gebeuren, want er gebeurt ook heel veel om ons heen. We hebben klimaatverandering, we hebben economische ontwikkelingen, we hebben nu ook mondiale ontwikkelingen die allemaal maken dat we niet niets kunnen doen. We moeten ons blijven ontwikkelen om die mooie gemeente te blijven die we zijn en die we allemaal willen houden. Dus dat is een beetje de rode draad eigenlijk die je dus ziet. Allerlei ontwikkelingen met het oog op die mooie gemeente die we al hebben, dus dat is de stip op de horizon en die gaan we ook verder uitwerken in allerlei programma's en allerlei projecten. Dus dat is ook al een beetje een aankondiging dat op sommige onderwerpen natuurlijk een programma komt en waar straks ook wat portefeuillehouders nog iets over gaan zeggen. Maar je ziet ook achterin, heb je dan uiteindelijk, waar gaan we dan mee aan de slag? Dan zie je natuurlijk dat we aangaan werken aan een aantal programma's. Dat zijn er 14 en we hebben een omgevingsplan en er komt grondbeleid etcetera. Dus je moet het ook allemaal zien als een soort kader, zo'n soort kapstok voor heel veel ontwikkelingen die we verder oppakken. Dus ja, dat komt ook natuurlijk aan de orde. Ja, is dit nou allemaal hard? Ja, het is wel een visie. Aan de andere kant is die visie niet vrijblijvend, die gaan we natuurlijk wel vertalen in al die programma's en al die projecten, zodat we uiteindelijk die visie realiseren in 2050 en dan heb je natuurlijk daarna nog een toekomst, dus sommige ontwikkelingen lopen zelfs nog langer door, zoals de Huygenstunnel. Dus die programma's die zijn echt leidend en die en die het omgevingsplan voor wat er hier nou allemaal komt. Dus soms ga ik verwijzen en dat is niet flauw bedoeld, maar dit zijn dan de richtlijnen die gelden voor die programma's om het verder te concretiseren. En daarmee maken we ook keuzes, die keuzes die staan ook in die afwegingsleidraad, hè dat leuke cirkeltje zie je per gebied in de gemeente ook wat we belangrijk vinden voor dat gebied, dus we hebben allerlei ambities gehanteerd of benoemd en die ambities die komen soms in sterker en soms in wat minder sterke mate naar voren in bepaalde gebieden. En je zult ook zien dat andere programma's daar ook op voortbouwen, want ja, die keuzes die maken ook zeker in onze compacte gemeente dat...

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Onderwerpen wat

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Meer voorrang moeten geven dan anderen. Dus vandaar dat wieltje.

Onbekende spreker

Soms wat meer uitslaande, soms wat meer, voorzitter. Voorzitter, dank. Ik wilde iets vragen over de afwegingsleidraad, maar omdat u dat net noemde, meneer wethouder, weet ik niet of u er nog op terugkomt. Maar hoe werkt het nou met die afwegingsleidraad als er afwegingen moeten worden gemaakt over de verschillende programma's heen? Want u zegt terecht, dat staat ook in het plan, in de visie kijken we daar binnen de programma's wat de keuzes zijn en die leggen we ook scherp neer. Maar ik ben...

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Eventuele conflicterende keuzes tussen de programma's. Hoe gaat de afwegingsleidraad ons daarbij helpen? Die afwegingsleidraad zie je ook, hè? Die is gericht op bepaalde gebieden en dus er komen gebiedsprogramma's waar we zeggen van nou, het gebied bijvoorbeeld buitengebied zit groen natuurlijk veel meer dan in de ontwikkelgebieden waar we zeggen, van ja, we willen juist ook de lucht in met woningbouw, omdat we dan juist de natuur of het groen elders kunnen besparen. Tegelijkertijd zijn er natuurlijk ook inhoudelijke programma's, bijvoorbeeld mobiliteit, et cetera. Ja, en elke keer weer zie je dat je in die programma's die leidraad erbij kunt pakken. Ja, en de overall, ja, dat is dan deze visie.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Op bepaalde gebieden

Onbekende spreker

Waar we de behoefte aan of waar we de inzet op plegen. Dan kom ik op wat concrete vragen. In de eerste plaats, nou, we hebben dat hele programma of dat hele traject doorlopen en daar is een MER op geweest. Een MER is een milieueffectrapportage en daar is dan weer de Commissie voor de MER die daar naar heeft gekeken en de Commissie voor de MER die gaat dan kijken of we die MER goed hebben toegepast en uiteindelijk geven die een, nou ja, een advies. En hun advies is lovend. Ze zeggen nou hartstikke goed gedaan. Maar een aantal onderwerpen heb je niet goed of niet, niet uitgebreid met allerlei scenario's onderzocht en we hebben daar ook in het raadsvoorstel natuurlijk over aangegeven. Van ja, voor sommige onderwerpen pakken we die op bij die programma's bij die gebieden, et cetera, want om een beetje vaart te maken en, nou ja, pakken we dat mee. Sommige dingen die worden al opgepakt elders, bijvoorbeeld de RES, de Regionale Energiestrategie en voor het programma Groen geldt ja, we zetten eigenlijk al maximaal in op groei groen, dus ja, we kunnen wel andere scenario's ontwikkelen, maar dat worden dan mindere scenario's. Maar we kiezen al echt voor het meest forse scenario op dat onderwerp dus. Vandaar dat we in de raadsbrief gaan we uitgebreid in op onze reactie op die Commissie MER. Sommige dingen nemen we echt over, hebben we overgenomen, maar andere dingen zeggen we, ja, geef ons nou. Om echt die vaart erin te houden, gaan we ermee aan de slag in die programma's en sommige zaken bijvoorbeeld. Dat groen zitten we op een hoog niveau.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Is het dan een beetje een rare actie om een mindere

Onbekende spreker

Nog op te stellen om dan aan te geven? Ja, we hebben scenario's afgelopen, dus dat is onze reactie dat we zeggen, nou geef ons nou gewoon als we dit dan vaststellen, dan kunnen we hiermee aan de slag. Hiermee staan ook op het gebied van groen en normen die nu nog niet gelden en ambities die nu nog niet gelden, dus dit gaat om een stuk verder dan het bestaande, dus dan is het beter om dit vast te stellen en dan verder met die gebiedsprogramma's en andere onderwerpen. Daarmee verder aan de...

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

En een scenario voor de bühne te maken en dan alsnog die omgevingsvisie vast te stellen, maar dan er wel mee te wachten. Ik zie een mevrouw interruptie, ja, dat zag u goed. Het zat er al een hele tijd. Ja, dat klopt dat we al heel veel doen met groen, maar volgens mij was het oordeel of het advies van de commissie MER nou juist: van goh, breng de gevolgen op groen nou in kaart van die twee primaire alternatieven die zijn onderzocht. Dus niet zozeer onderzoek een alternatief voor groen, want dat heeft denk ik inderdaad niet zo heel veel toegevoegde waarde. Waarom zouden we dat niet doen? Maar kijk nou naar de gevolgen, de impact van die scenario's, die twee alternatieven op groen, natuur, hitte, alles op biodiversiteit. Dus het gaat weer over eigenlijk hetzelfde als wat ik net vroeg over het afwegingskader van: kijk vanuit integraliteit naar de impact van de basis, zeg maar de twee basislijnen die gekozen zijn. Vooral woningbouw en arbeidsplaatsen kan je ook nog een vraag over stellen. Maar goed, dat is gedaan. En hoe?

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Heeft dat dan zijn

Onbekende spreker

Dus dat is toch op zich, lijkt mij, een hele relevante en terechte opmerking. En waarop ons antwoord is ja, en inderdaad, wonen en economie. Dat hebben we inderdaad. Dat is ook de grootste verandering, hè? Dat er veel meer... Dat is de grootste impact natuurlijk ook, dat die woningen en de economie, en zeker de woningen, dat wordt de grootste ontwikkeling in onze gemeente. En daarvoor hebben we gezegd, we doen de maximale al mitigerende maatregelen om daarmee om te gaan. Dus we kunnen niet minder doen. Tenminste, we kunnen veel minder doen, maar dat zijn we niet van plan. Dus wat dat betreft kunnen we de impact vooral gaan bekijken, maar we gaan gewoon die impact bestrijden. We gaan die impact maximaal proberen te bestrijden, maar die woningbouw en die economische ontwikkeling, ja, dat zijn wel de grote, de grote ontwikkelingen waar we hier die keuze van maken. Dat wordt de stip. En dus alles wat er verder aan impact meeneemt, ja, dat hebben we dus ook bekeken en daar gaan we maximaal op inzetten om dat te mitigeren, om dat groene te houden, om groen, hè, met die 30 300.

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Om dat te introduceren

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Om daar verder maximaal

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Mitigerende maatregelen op te ondernemen. Dan heb ik een vraag gekregen, ja, het CDA. Ja, sorry, ik hoorde de wethouder heel veel maximaal maximaal maximaal zeggen. Hij doet zijn uiterste best, denk ik dan. Maar hoe kan het? Hij doet zijn uiterste best, denk ik dan, en dat geloof ik ook. Maar dat snap ik nog niet. Hoe de commissie meer dan tot het oordeel komt.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Dat het niet onderscheidend

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Genoeg is genoeg. Waar zit dan de discrepantie tussen wat u ambieert als college en wij als raad misschien straks een avond ook en het advies van de Commissie Meir? Nou ja, ik denk dat de Commissie Meir vragen die wil dan maximaal alles hebben onderzocht en allerlei getallen hebben uitgezocht en nog meer onderzoeken. En dan pas zeggen van oké, we gaan dit wel of niet doen, terwijl wij zeggen, van ja, op een gegeven moment, we zien ook hè? Met die oer zie je natuurlijk allerlei effecten, dus die kennen we en tegelijkertijd maken we de keuze om wel verder te gaan. En inderdaad gewoon ons in te zetten om die effecten tegen te gaan en daarmee aan de slag te gaan. Dus het is een kwestie van of die zaken allemaal wel meenemen, maar er verder mee aan de slag gaan met de gebiedsprogramma's, met projecten et cetera of wachten tot je het uitgebreid hebt onderzocht en tegelijkertijd nog even niks doen. Want dan stel je dit niet vast.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

En dan nog een keer dit te

R. (Ron) van Duffelen - CDA

En dan door te gaan met iets wat je toch al van plan was. Dat is een beetje hoe het dan loopt. Nog een vraag van het CDA, ja, ik volg, hoop ik wel dat wat de wethouder zegt, ik zit me ook een beetje af te vragen. We hebben op zich nog tijd helemaal uit te stellen, want hij moet pas 1 januari 2027 zijn vastgesteld, dus we hebben nog 10 maanden, maar dat niet dat ik daarop uit ben, maar.

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Waar zitten we elkaar nu dan een beetje, ja, voor de gek trouwens? Misschien een heel zwaar woord, maar waar zit nou de spanning eigenlijk? De spanning is of je het terug laat komen in de omgevingsvisie of dat je ermee verder gaat in die gebiedsprogramma's. En u moet mij wel de opdracht geven dan om, en dat is volgens mij ook gevraagd en dat stond nog op een lijstje, om dat natuurlijk bij deze van harte toe te zeggen dat we dan in die programma's er wel heel serieus mee aan de slag gaan met die opmerkingen van de MER. Dus het is er een beetje, de spanning zit erin, gaan we nu wachten en het hele plaatje rond hebben of gaan we gaandeweg werkende weg? Gaan we dus het plaatje ook verder invullen, waarbij ik al aangaf, we hebben echt, echt ook die ambities staan er al in de visie dat we echt, nou ja, het groen.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

En alle negatieve effecten die mogelijkerwijs uit de economische

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

En woningbouwopgave komen.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Het groener

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Op de tweede plaats en het is niet van gelijkwaardig belang. Of hoor ik dat nou echt verschrikkelijk verkeerd? Ja. Zoals ik al zei, de grootste ontwikkeling zit hem in die woningbouw en dat is ook de grootste bedreiging. Meteen natuurlijk voor dat groen, dus we moeten daar echt ons best op doen om dan die randvoorwaarden of tenminste om het karakter van onze gemeente, groen etcetera, om dat te houden. Dat is trouwens ook. Er werd ook gerefereerd in de natuurstelwet en noem maar op, dus dat zullen we toch wel moeten ook dus, maar het is wel natuurlijk de grootste ontwikkeling en de grootste bedreiging voor dat groen, dus daar moeten we echt mee aan de slag. En het is, we hebben natuurlijk niet voor niks die vijf richtingen die we eerder ook al hebben besproken in de

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Zijn natuurlijk wel alle vijf hè? We willen ook bereikbaar zijn. We willen hoogwaardig verblijfsklimaat, etcetera, dus dat zijn evenwaardige ambities en richtingen. Ja, maar juist op die ambities, die laatste twee die u nu noemde, constateert de commissie meer dat eigenlijk niet goed is bekeken hoe dat zich gaat. Hoe dat gaat worden, dus ik vraag me dan toch af waarom, waarom u dat niet? Waarom u dat zegt van, dat hebben we al geregeld, terwijl we hier een omgevingsvisie vaststellen die toch een leidend kader zou moeten bieden. Juist voor de programma's waarin we ermee aan de slag zijn. En dan vraag ik me af, waarom?

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Als ik het goed begrijp, is het niet nodig om dat in de omgevingsvisie expliciet te bevestigen. Dus daar ben ik een beetje over in de war. Nou, om die verwarring weg te nemen: de ambitie staat hierin, het hele plan of de hele stip op de horizon staat hierin. Dus woningbouw, mobiliteit, economie, maar ook groen, heel veel groen, heel veel concrete maatregelen of concrete zaken die we eerst nog niet van plan waren of nog niet hebben benoemd en hebben aangegeven, staan hierin. Dus we gaan niet verder mee aan de slag en gaandeweg, dus wat ik net ook aangaf, gaan we met allerlei programma's en allerlei gebieden verder invullen en dan nemen we het natuurlijk mee. Natuurlijk nemen we wat mee, dus wat dat betreft gaan we echt wel proberen te zorgen dat we ook genoeg mensen hier prachtig kunnen laten wonen. Meer mensen ook, want dat is de opgave. Mensen ook nog hun brood kunnen laten verdienen, dat is ook een opgave, en mensen die kunnen komen en ook nog weg kunnen gaan. Dus dat zijn allerlei ambities. Het is echt een afweging van allerlei keuzes en allerlei belangen die we hierin beschrijven en die verder gaan landen in die programma's en verder gaan landen in die gebieden. Waarbij we hebben aangegeven wat in die programma's in die gebieden belangrijk wordt. Dus dat zover de mer, denk ik. Stompwijk is een prachtig dorp in onze gemeente, dat wel een beetje vecht voor zijn vitaliteit en daarom hebben we en een aantal opgaven kent en daarom zijn we parallel aan deze omgevingsvisie al gestart met één van de gebiedsprogramma's, namelijk dat voor de kern Stompwijk. Daar zijn we nog mee aan het werk. Volgende week hebben we een inwonersavond waarbij ik nog een keer voor een laatste keer denk, ik ga toetsen hoe ze aankijken tegen mogelijke woningbouw. Ik heb vanmorgen nog gesproken met de Adviesraad Stompwijk ter voorbereiding van die avond. Wat we nu hebben, is een drietal scenario's, een drietal hoofdrichtingen om woningbouw te plegen. Eén daarvan werd al aangegeven, is de Westeindepolder. En die polder ligt formeel buiten het bebouwde gebied van de kern en daarmee is dat de moeilijkste plek om te gaan bouwen. Dus de heer Klaarhamer van GBLV hoorde ik zeggen: ja, daar kunnen we het snelst mee beginnen. Ja, zou ik misschien best willen, maar het is juist de traagste omdat we aanlopen tegen met...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

De provincie die dan zegt Ah, en

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

U zegt de moeilijkste plek, maar de hele infrastructuur ligt er al. Het ligt wel buiten met lint, maar de hele infrastructuur ligt er dus. Ja, ik zeg wel vaker de werkelijkheid buiten is soms wat anders dan de bestuurlijke en politieke werkelijkheid, want er staat een provinciehuis aan de Zuid-Hollandlaan en die zegt, gaan we niet doen en dan moeten we heel lang mee discussiëren. En dat kan hoor, dat gaan we ook doen als dat nodig is, want er staat ook in het gebiedsprogramma. We gaan eerst kijken naar de zaken waar we het snelst mee kunnen beginnen. Dat is meteen ook een andere vraag die is gesteld, ja, hoe zit dat dan met die projecten? Ja, we zien een aantal projecten. Wat ik trouwens nog even moet vertellen is: we hebben een vitaliteitsonderzoek gedaan. Waaruit die concrete woningbouwbehoefte voortkomt de komende 10 tot 15 jaar. Gaan we die realiseren hoe je het ook wendt of keert en we gaan beginnen met de meest kansrijke plekken. Als dat niet lukt, en ook dat gaan we natuurlijk weer monitoren, komen we terecht op twee andere locaties, waaronder die Westeindepolder, dus we kunnen best gaan bekijken en alvast gaan beginnen met Zuid-Holland om te kijken van nou als we dat niet gaan redden, dan hebben we toch ons daar oog op laten vallen. Dan is er misschien ook een provinciale statenverkiezing geweest in de tussentijd, dus het staat, het is niet van het netvlies. Maar laten we maar gaan beginnen met wat nu al kansrijk is. En dan hebben we nog twee andere, waaronder de Westeindepolder in het snotje om daar eventueel ook woningbouw te plegen. Dus zo wil ik het gaan aanpakken, maar ik ga het volgende week met de inwoners bespreken en ik ben benieuwd wat de reactie wordt. Dat er Stompwijk, we gaan bouwen met ruimte voor ontmoeting. Er werd ook een hele mooie sociale vraag gesteld. Ja, uiteindelijk is dit een ruimtelijk plan, maar het gaat natuurlijk om de mensen. Het gaat uiteindelijk geen huis, tenminste hoop ik niet, staat er alleen maar vanwege het huis, maar de mensen die erin wonen in onze hele gemeente draait natuurlijk onze mooie gemeenschap. We hebben natuurlijk helemaal mooie visies op sociale basis en daar grijpt dit natuurlijk wel op in, dus we bouwen met het oog op ontmoeten bijvoorbeeld. We hadden vanmiddag een prachtige ontmoeting onder leiding van de Adviesraad Sociaal Domein met hoeveel mensen? Echt wel 100 of zo, echt superveel mensen. En dan kwam het ook nog ter sprake hè? Dat juist die ontmoeting superbelangrijk is. Die gemeenschap superbelangrijk en ze lieten zelfs een plaatje zien. Er was iemand van de Raad voor de Gezondheid van onze eigen sociale basis en daar zitten we natuurlijk hier ook op in. Maar het gaat natuurlijk wel om de ruimtelijke uitwerking van onze gemeente. We hebben die sociale basis voor de sociale uitwerking, maar dat grijpt tot elkaar. In mijn collega komt op de 3 30 300 terecht dan Vlietland. Ja, dus dit loopt een beetje. Tegelijkertijd loopt hier natuurlijk wel. In die visie zetten we in op ambities en 2050 en de Huygenstunnel gaat misschien nog wel later plaatsvinden, maar we bouwen niet in een woestijn in Dubai. De gemeente bestaat al, we bestaan al heel lang en er zijn ook bestaande ontwikkelingen die al op papier bestaan en nog niet in de realiteit, maar desalniettemin wel echt bestaande rechten opleveren. Dus de vraag werd op een gegeven moment gesteld, ja, kunnen we niet opnieuw beginnen met de beroemde recreatiewoningen in Vlietland. Ja, dit heeft geen directe consequentie, maar wel een direct gevolg. Als je dit vaststelt, is dit natuurlijk wel de leidraad voor wat je doet en dit gaan we verder uitwerken in de omgevingsplan en die programma's etcetera. Dus dit geeft wel een richting aan wat we nu hebben aangegeven is dat hebben we de term intensieve recreatie gehanteerd en intensieve recreatie betekent in recreatie van een dag of langer, dus dat betekent een zwembad, attractieparken, recreatiepark, dat soort dingen. Dat is intensieve recreatie in tegenstelling tot extensieve recreatie. En dat is dan bijvoorbeeld fietsen, wandelen, hardlopen etcetera, waarbij je je verplaatst en wat minder intensief gebruik maakt van één plek. Dus dat is het verschil tussen intensieve en extensieve recreatie en wat we nu hebben aangegeven is dat dat. Maar dat is al sprake van dat die intensieve recreatie is gespot in Voorburg of in Voorburg in Vlietland nooit in dat. Op dat stukje Vlietland, dus dat is daar al geplot. Intensieve recreatie en we hebben wel aangegeven, want het hè, we hebben echt ook naar aanleiding van de zienswijze aangegeven. Het is een natuurrecreatiegebied. Ook natuur dus die inpassing wordt ook heel belangrijk en hiermee geef je ook richting aan met datzelfde afwegingskader hè. Staat ook bijvoorbeeld zo'n pagina, wat is het 98 of zo staat dat wieltje en dan zie je ook inderdaad dat. Die natuur of die wat is, het de groene omgeving kwantitatieve kwaliteit dat dat heel dat het echt heel belangrijk is. Dus in die afwegingskader gaan we natuurlijk wel degelijk kijken naar hoe zaken worden ingepast. Wat dat betreft geeft deze omgevingsvisie nou juist ook een haakje. Om in het omgevingsbeeld etcetera daar echt mee aan de slag te gaan met ook met mogelijk nieuw bestemmingsplan wat hier nog aan de orde komt. Dus dat is het verhaal van Vlietland. Dus ja die natuurwaarden en maatschappelijke inpassing, die kunnen we juist realiseren. Ook aan de hand van de van de van de afwegingskader hier in de omgevingsvisie. Maar er zijn bestaande nou, het hele verhaal is hier heel vaak verteld door mijn collega Bremer ook. Er zijn bestaande rechten, er komt een nieuwe bestemmingsplan hier nog langs en op basis daarvan zeker dan ook op basis van deze omgevingsvisie kunnen we wel degelijk ook wel eisen stellen aan wat er gaat komen. Maar wel op basis van bestaande rechten. En anders hebben we een andere. Ja hebben we een heel ander verhaal, wat ook met planschade etcetera aan de orde is en dat kunnen we alleen vertrouwelijk bespreken, want dan kom je echt op financiële consequenties uit en die heeft u ook al een keer gekregen. Dus dat is het verhaal van

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Van Vlietland en volgens mij heb ik daarmee. Kijk ook even naar mijn collega's, want die gaan nog wat haakjes ook verder invullen. Maar volgens mij heb ik in het algemene verhaal verteld. Dank u wel, wethouder, mag ik de...

A.J.W. (Astrid) van Eekelen - wethouder

Heeft u een kleine aap uit de mouw? Want nationaal voorleesontbijt eventjes ter ondertiteling. Mij is de vraag gesteld door de fractie van de VVD over economie en met de fractie van de VVD vinden wij economie belangrijk. Is ook goed geborgd in deze omgevingsvisie. Wij zetten ook in op behoud van onze zes bedrijventerreinen zoals we die nu ook hebben. De winkelcentra die wij hebben. En onze zzp'ers en daar verzoeken wij ook ruimte bedrijfsverzamelgebouwen dus dat is de economie waar wij op inzetten. Tegelijkertijd hebben we ook bouwprojecten. We hebben natuurlijk met elkaar afgesproken, gemiddeld 5%. Dat betekent dat dat per project bekeken wordt, hè? Dat is maatwerk. Dat zou inderdaad soms 10% kunnen zijn, maar daar tegenover kan het ook soms zijn dat het iets minder is.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Als het kan, aan economie in een bouwproject. Maar we bekijken dat per project. Dank u wel.

M.W. (Marcel) Belt - wethouder

Ja, dank u, voorzitter. Ja, zoals de heer Van Veller al zei, dit stuk gaat er natuurlijk over om wat voor gemeente we willen zijn in 2050. In het visiestuk zijn een groot aantal opmerkingen ook over groen gemaakt. Dit stuk laat ook zien dat we in ieder geval echt een groene gemeente ook willen zijn. Ik ben ook trots op deze visie die hier ligt en er zitten ook flinke groene ambities in, zowel in de wijken waar we 3-30-300 aan gaan werken, de Parkweg die we gaan vergroenen, verschillende pleinen waar groenambities zijn neergezet, maar ook grotere structuren wat echt een hele forse opgave is, bijvoorbeeld de hele Vlietzone, Duinhorst, Waarde, het hele raamwerk met de centrale groenzone en de low zone vindt u allemaal terug waar we de komende jaren aan willen werken. Dit is zoals gezegd door collega Van Veller de visie en de uitwerking ook voor groen komt in dat programma Groen terecht en daar zetten we ook in op dat hoogste scenario, zoals ook net uitgelegd. Er zijn een paar specifieke vragen gesteld, onder andere over de Natuurherstelwet. Dat is een zeer impactvolle wet, kan ik u zeggen, waar we ons op Europees en landelijk niveau aan verbonden hebben, die zegt geen achteruitgang, maar vooruitgang van groen. Dat staat ook klip en klaar in deze visie dat we onze bijdrage daaraan leveren. Dat staat op pagina 51 en het Rijk komt dit jaar met een doorvertaling van die Nederlandse verplichting die we ons hebben waar we voor getekend hebben en dat verwerken we dan ook weer concreet in dat programma voor groen. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat we in de tussentijd niks doen. In de tussentijd blijven we gewoon keihard werken aan dat behoud van vergroening wat we al in deze collegeperiode hebben ingezet. Groen actieplan, bomenplan en daar konden we ook nog die versnelling op duurzaamheid en groen bij, zoals deze week ook besproken. Dat de Natuurherstelwet. Net ook al iets over 3-30-300 gezegd, we werken daar ook volop aan. Juist vanuit het groen actieplan die wijken waar we op dit moment dat niet halen. Daar zetten we juist die middelen in, in Voorburg Noord, in Leidschendam Centrum. Daar zetten we die middelen in. Voor bouwprojecten hebben wij ook weer op diezelfde pagina 51 heel duidelijk opgenomen dat 3-30-300 het uitgangspunt is voor alle bouwprojecten. Tegelijkertijd zeggen we niet postzegel denken wanneer het niet mogelijk is op die bouwprojecten.

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Dan blijft die compensatie

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

In de wijk en die verdwijnt niet

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Voor onze gemeente, dus dat is geborgd. Vertaalt zich, ja, meneer Van Duffelen. Ja, toch even een vraag over die compensatie, want ik krijg opeens een vergelijking met sociale woningbouw als er 30% niet gehaald wordt.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Dan wordt er iets In de

M.W. (Marcel) Belt - wethouder

Gaat zoiets straks ook gelden voor de bouw of voor het groen? Of wordt de ontwikkelaar echt verplicht elders daadwerkelijk groen te plaatsen? Dat is echt ter uitwerking in het programma. In deze hele visie staan nergens prestatieverplichtingen opgenomen. Dit is een zelfbindend stuk waar we allemaal bij zijn. Hoe we dat doorvertalen in die programma's, die programma's stelt u ook vast. En ook al die bouwplannen en projecten waar dit dan in.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Toegepast moet worden, inclusief eventuele compensatie In

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

In de wijk stelt u ook allemaal zelf vast.

Onbekende spreker

Is echt zelfbindend. Even kijken dan, voorzitter. Ook even nog hierover als het mag. Dus waarom kunnen we niet gewoon in de omgevingsvisie zeggen van, we doen dit punt en het treft mij die compensatie? Regel treft mij toch een beetje als een soort ontsnappingsclausule. We doen ons best, maar soms gaat het nou eenmaal niet en dan leggen we ons erbij neer als een projectontwikkelaar zegt, ja, dat lukt echt allemaal niet. Dan zetten we die bomen groot of klein.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Neer. Het klinkt

M.W. (Marcel) Belt - wethouder

Het klinkt mij toch een beetje alsof we ons er bij voorbaat bij neerleggen dat het ook niet hoeft te lukken. Waarom zouden we dat willen? Nee, die ambitie, daar stappen we zeker niet vanaf. Als u die tekst ook bekijkt, zoals die op pagina 51 staat, blijft die ambitie staan. Maar moet hij dan op buurt- of wijkniveau worden opgepakt? En dat is ook hoe we daar naar kijken en dat we ook niet op de postzegel dit soort dingen moeten doen. Dat doen we ook niet met andere ambities. We hoorden net ook over economie dat dat soms kan schommelen en dat geldt hier ook voor. Dus de ambitie is niet weg. Tot slot werd een opmerking gemaakt over vergroening van het buitengebied. Ook hier staat ook wel in dat daar natuurlijk die groen-blauwe dooradering als ambitie is, als verwijzing dat we daar ook al aan werken, zijn onder andere twee gebiedsambtenaren die we onlangs hebben ondersteund naar de provincie.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Ook nu al mee aan te gaan werken en dat zal ook weer door worden vertaald in onder andere dat gebiedsprogramma van Stompwijk. Dank u wel. Welke van de wethouders?

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Voelt zich

Onbekende spreker

Meer Koos, ja dank u wel, voorzitter. Best wel wat vragen inderdaad ook nog over de mobiliteit en bereikbaarheid van onze gemeente in 2050. En ik vind het dan altijd toch wel leuk om Henry Ford te citeren: "Wat als ik mensen had gevraagd wat ze wilden? Dan waren het snellere paarden geweest." En dat is altijd ook in dit verband natuurlijk moeilijk om te zeggen hoe de mobiliteit er in 2050 uit komt te zien. Wat we wel in ieder geval weten, en er zijn een paar keer aangehaald, zijn de waarden die waar we voor staan vanuit het verleden en nu en ook in de toekomst, namelijk dat we verbonden, goed verbonden zijn. En dat is op meerdere manieren in te vullen en dat geeft wel houvast ook. En dat zie je ook in de omgevingsvisie, hoe we daar invulling aan willen geven. Stomp, 15-minutenstad en nabijheid, duurzame mobiliteit, innovatie en verkeersveiligheid. En dat zijn ook de vragen die ik heb gekregen, bijvoorbeeld over Stomp. Begin ik even bij de VVD, op zich goed principe wat ik begrijp, maar het moet niet eigenlijk een soort van autopesten worden en dat is het natuurlijk niet. Stomp is een inrichtingsprincipe. Het geeft eigenlijk aan dat je begint inderdaad bij de positie van de voetganger, de fietser dus, waarbij we overigens in het programma het nader gaan uitwerken hoe we daar precies invulling aan gaan geven. Openbaar vervoer, Mobility as a Service en uiteindelijk ook echt de privéauto, want die zal ook gewoon een plek hebben in het totale mobiliteitsbeleid. Maar dat zal in verschillende wijken op een andere manier worden ingericht. We zullen meer...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Soorten stompwijken gaan creëren

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

En daarnaast zal dat inderdaad in het programma Mobiliteit.

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

Ja verwarrend stom wijken.

G.D. (Guus) Beek - VVD

Vond het wel verbaasde

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Al ja voorzitter dan

Onbekende spreker

Het CDA, interessant idee om lijn 6 door te trekken. Oh, een vraag van meneer Beek. Ja, voorzitter, toch nog even een vraagje aan de wethouder. Het gaat met name over de manier van invoeren. Kijk naar bijvoorbeeld Voorburg Noord, waar het schuurt en wij denken dat het in meerdere wijken gaat schuren. Dus de vraag is, hoe gaat u dit invoeren? Want u heeft het over het principe en het principe. Daar staan we niet afwijzend tegenover, maar laten we zeggen, als dat betekent dat heel rigoureus parkeerplaatsen verdwijnen en laten we zeggen, de auto uit het straatbeeld wordt geweerd, wat ik hoop bij andere fracties wel eens heb horen zeggen dat dat toch wel een wens is.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Van, kan dat met overleg

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

Met de inwoners van deze? Ja, voorzitter, kijk, het principe is dat iedereen moet meedoen in de samenleving en iedereen moet naar zijn werk kunnen, naar school of naar de vereniging. Noem het allemaal maar op. En daarvoor hebben wij een goed mobiliteitssysteem te creëren met elkaar en de ruimte is schaars. De uitdagingen, de opgaves, die zijn ook allemaal genoemd en daar moeten we dus efficiënt mee omgaan, waarbij het uitgangspunt is dat iedereen moet mee kunnen doen. En dat betekent voor een omgeving, een wijk bij station Laan van NOI iets anders dan in Stompwijk. En dat meen ik dan even serieus, want daar zijn...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

De openbaar

G.D. (Guus) Beek - VVD

Vervoervoorzieningen anders

R. (Ron) van Duffelen - CDA

In Stompwijk dan bijvoorbeeld Voorburg Noord. Dus dat betekent daar anders. Uitgangspunt is dat iedereen mee moet kunnen doen aan de samenleving. Het CDA, ja voorzitter, een vraag voor collega Beek, want hoor ik de VVD nou draaien vanavond?

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Met de visie voor Voorburg Noord

Onbekende spreker

En, ik hoor ze nu eigenlijk. Andere kant op redeneren, dus mijn vraag is: draait de VVD vanavond? Meneer Beek: nee, wij draaien niet. Wij vinden alleen van belang dat het wordt ingevoerd in overleg met de inwoners. En wat ik nog een keer tegen de wethouder wil zeggen, is dat meer dan 50% van onze inwoners buiten deze gemeente werkt en bewust in deze gemeente is komen wonen omdat we hier een netwerk van snelwegen omheen hebben liggen. Wat betekent dat je met het grootste gemak naar Amsterdam, Rotterdam en Utrecht kan komen. En langs alle dozen waarin gewerkt wordt langs de snelweg. En die mensen hebben die auto nodig. En als je dat afschaft...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Het openbaar

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Van de Laan van Nieuw Oost Indië komt

G.D. (Guus) Beek - VVD

Echt niet bij de Hoogvliet.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

CDA.

Onbekende spreker

Zegt, maar ik heb dat de VVD niet horen zeggen toen wij de gebiedsvisie voor Voorburg Noord bespraken. Meneer Beek nog een keer, ja, wij, wij draaien niet. We hebben ook de motie van jullie gesteund over Voorburg Noord en laten we zeggen, de buurtvisie hebben we gesteund, maar we hebben ook gehoord wat de...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Over mobiliteit

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

En de beschikbaarheid van parkeerplaatsen. En daar wordt nu volgens mij ook aan gewerkt. Wethouder, gaat u verder? Ja, voorzitter, uitgangspunt blijft dat iedereen moet mee kunnen doen in de samenleving en de heer Beek op zich een terecht punt over dat bepaalde delen in het land of in de regio ook niet goed bereikbaar nu zijn, bijvoorbeeld met openbaar vervoer. We hebben hier ook besproken de zienswijze op de mobiliteitsvisie van MRDH en dat is echt een nadrukkelijk inderdaad een punt wat ook geadresseerd moet gaan worden en dat is een ander onderdeel, bijvoorbeeld als het gaat over publieke mobiliteit, waar we ook een opmerking over hebben gemaakt in de mobiliteitsvisie is waar er echt 24/7 gewoon allerlei type vervoer beschikbaar moet zijn, zodat iedereen, ook die persoon die hier zo woont, maar in de haven werkt en vroeg in de haven moet zijn in Rotterdam, dat die ook daar kan komen zonder dat hij per se een privéauto nodig heeft, dus dat is wel de. Daar zijn we nu nog niet. Dat is ook gewoon het eerlijke verhaal, maar dat is hè. In de mobiliteitsvisie 2050 en een omgevingsvisie 2050 en dat nou de dingen waar je naartoe gaat werken. Ik dacht dat ik een interruptie aan zag komen, maar dan ja voorzitter, dan ga ik ook even door naar lijn 6 inderdaad, dat werd geopperd, vind het een hele interessante. Ik zal toch echt even heel snel op Google Maps te kijken. Ik denk dat het een ingewikkeldere opgave wordt dan de Vlietlijn denk ik. Maar het idee inderdaad dat Leidschendam-Zuid nu onvoldoende van openbaar vervoer is voorzien. Die analyse die deel ik wel, dat zijn we ook onder andere inderdaad een upgrade van de halte Leidschendam-Voorburg zijn we ook mee bezig. We hebben onlangs uit de documentatie collegemail laten weten. Ook vanuit het BO MIRT is er ook geld beschikbaar gesteld voor de halte Leidschendam-Voorburg om die ook een upgrade te geven, maar daarmee zijn we er nog niet, dus het heeft zeker de aandacht of lijn 6 is die doorgetrokken moet worden naar de STAR. Ik weet.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

In hoeverre dat technisch realistisch is.

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Is, maar de manier van denken vind ik absoluut een

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

Graag mee wil nemen. Ja, dan. Ja, voorzitter, ik heb ook gevraagd om een verkenning, hè, ik bedoel. Ja, voorzitter, nee, dat wil ik zeker inderdaad meenemen en nog even los inderdaad. Nu schiet ik zelf ook een beetje gelijk in het denken in onmogelijkheden. Wat dat betreft moeten we inderdaad de blik wijd open hebben en openstaan inderdaad voor allerlei oplossingen. En dat brengt me eigenlijk ook gelijk bij de fractie van GBLV over, hè? Nou, mooi dat er allerlei innovaties, hè, de kabelbaan noemden jullie ook inderdaad en het autonoom rijden. Asbest spreek althans. Ik denk dat hij nu is afgelopen, is de recessie in de neerlab geweest met onder andere ook nieuws van Oord van de TU Delft. Waarin we juist inderdaad gaan kijken naar dit soort innovatieve mobiliteitsvormen. En dus ja, dat hoeft niet te wachten totdat dit vastgesteld is en verder dus daar zijn we ook inderdaad mee bezig, dus dat zou denk ik voor u ook goed nieuws zijn. Verder, voorzitter, kom ik bij de verkeersveiligheid over de vraag over 50, 30 jaar. Ik zou bijna willen zeggen, de argumenten zijn eigenlijk al genoemd, hè? Het is echt aantoonbaar dat dat bijdraagt, het opwaarderen van 50 naar 30 is echt aantoonbaar goed voor de verkeersveiligheid. Ook in Amsterdam blijkt dat ook uit onderzoeken. Dus ik, ik heb geen aanleiding om te denken dat dat het leidt tot een verslechtering van de verkeersveiligheid. En ik zou ook gelijk een antwoord op de fractie van D66 willen zeggen dat natuurlijk ik ook graag daarin versnelling inderdaad ook wil aanbrengen. We hebben een aantal straten of aantal wegen in het actieplan verkeersveiligheid opgenomen, waarbij we ook ervaring gaan opdoen. Ook met het van 50 naar 30 brengen en wat mij betreft zetten we daar echt een versnelling in.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Ook een plek krijgen in het programma in verdere uitwerking.

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

Ja voorzitter dan?

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Op zich ook waarderen, moet ik zeggen. Dank u wel, maar wel zes versnellingen ja. Er komt nog een vraag van het CDA, zie ik? En volgens mij had ik nog een vraag.

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

En daar heb ik geen antwoord op gekregen en dat gaat over de integraliteit van Vlietlijn, Huygens Tracé, Koningscorridor en dergelijke. Ja, voorzitter, dat zijn twee projecten die natuurlijk een andere tijdspanne hebben. Vlietlijn, dat is gewoon ja, korte termijn. We hebben het over 2030. Daarnaast hebben we de huidige stunnel, de A12-zone. Daar hebben we het inderdaad over 2070. Nou, als ik heel eerlijk ben, zou ik inderdaad wel wat meer ambitie willen, omdat dat gewoon zulke projecten zijn. Ja, die vragen gewoon heel veel tijd. En dus over integraliteit, wel degelijk hebben we dat natuurlijk in kaart, maar we hebben echt te maken met twee verschillende tijdseenheden hier. Zo probeer ik het natuurlijk ook gewoon bij elkaar te krijgen, dus alles wat je nu doet op het Stationsplein, dat dat bijdraagt ook aan juist het haalbaarder maken.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Maken van die huidige tunnel. Dat is de inzet, maar nogmaals, dat zijn wel twee verschillende tijdseenheden. Dank u wel, ik kijk even naar het college of in eerste termijn nog iemand de behoefte...

Onbekende spreker

Geven en ik zie twee vingers. Eerst nog even, sorry. Die van is meneer Scheer. Ja, ik had ook nog een vraag gesteld over, want in Amsterdam is het wel gebleken dat er daadwerkelijk veel meer ongevallen zijn voor fietsers onderling. Die is wel echt gestegen en hoe het college gaat voorkomen dat wij een vergelijkbare situatie gaan krijgen, dus dat er, ook al gaat het 30, dat er het absolute...

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Naar beneden gaat.

J. (Jeffrey) Keus - wethouder

Het aantal fietsers onderling die ongevallen hebben, is omhoog gegaan in Amsterdam. Dus hoe gaat het college dat tegen? Wethouder: Ja, voorzitter, het is natuurlijk altijd lastig of daar een correlatie, laat staan een causaal verband tussen bestaat. Dus daar ben ik in ieder geval niet van op de hoogte. Feit is wel natuurlijk dat er meer mensen op de fiets gaan. Dat is op zich goed nieuws. Feit is ook dat fietsen steeds sneller gaan en sommigen ook veel groter zijn in omvang. Dus dat is wel een aandachtspunt en daar gaat Amsterdam ook mee om, bijvoorbeeld over het instellen van maximumsnelheden.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Kan me voorstellen dat

A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66

Daar ook natuurlijk in de uitwerking van de omgevingsvisie in het programma rekening mee moeten houden. D66. Ja, voorzitter, voorzitter, doorging naar de tweede termijn. Ik had twee vragen gesteld en ik begrijp de toelichting van de wethouder op mijn vraag over intensieve recreatie op Vlietland natuurlijk. Ik zag er wel bij. Dat is volgens mij een visie en richting van de grondeigenaar, de provincie, niet van D66 in ieder geval.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Waarom is niet gekozen voor een formulering die in de

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Van landschappelijke inpassing expliciet centraal stelt? Ik vroeg me af of de wethouder daar nog op in kan gaan. Ik zie ook nog een vinger die in dezelfde context neem ik aan. Ja, nog een vraag wat

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Of over de aanpassing van de bruidsschatregeling heb ik ook nog geen antwoord gekregen. Antwoord bruidsschat eerst even misschien.

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Wethouder, ja, er zijn twee openstaande vragen. De ene is: waarom is gekozen voor een formulering waarin natuurwaarden en maatschappelijke inpassing expliciet centraal staan? Waarom is er niet gekozen voor, ja nou, de omschrijving moet recht doen aan de ambities, maar ook aan de huidige situatie, hè? Dat heb ik aangegeven. We hebben die huidige situatie en de huidige, nou ja, eigenlijk een soort van plan, wat natuurlijk 1 1 1 wat er al ligt. Dus ook het actueel gebruik inclusief vastgestelde plannen. Dus er is gekozen op een gegeven moment, ook naar aanleiding van die zienswijze, voor de omschrijving natuur- en recreatiegebied in plaats van één recreatiegebied. En daarmee denk ik, maar we kunnen nu verder aangeven. Kunt u misschien ook aangeven, bij deze ook, dat daar natuurlijk ook rekening mee moet worden gehouden in die ruimtelijke inpassing, etcetera, en de landschapswaarde etcetera moet worden gerespecteerd. Maar dat zit wat ons betreft ook wel een beetje in de omschrijving die er nu al is, zeker met die omschrijving natuur en recreatie. Dus het is niet de bedoeling om een compleet pretpark te laten ontstaan. Dat moet allemaal inpasbaar zijn in die omschrijving natuur en recreatie. Waarde dus dat die insteek hebben we gekozen nadrukkelijk. Daar valt dit in en dan het fenomeen bruidschat, ja. Bruidsschat is landelijke regelgeving die één op één overgaat naar plaatselijke regelgeving en er is een hele technische discussie natuurlijk over, goh, hoe zit dan die landelijke ooit landelijke regelgeving in elkaar? En dat heeft dan in casu te maken met de omvang van recreatiewoningen. En dan is de vraag van, is het dan één recreatiewoning? Of geldt dat dan ook voor meerdere of heb je dan te maken met een groter project? Dan nog heb je hier te maken, nog steeds met een oud bestemmingsplan en ook een nieuw plan dat is ingediend onder de oude bestemmingsplanregeling. Dan heb je ook nog te maken met de vraag of je dan inderdaad plaatselijke regelgeving zou kunnen aanpassen, maar dat moet weer met allerlei waarborgen en een hele procedure. Kortom, voorzitter, dit is een heel technische vraag die we hier verder volgens mij juridisch niet zo helemaal moeten uitdiepen. De basis is in ieder geval dat het hier niet direct van toepassing is.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Hele discussie die

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Loopt rond de bestaande, zeker niet rond de bestaande, maar ook de mogelijke.

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Gelden zolang als er lokaal geen alternatief voor is geformuleerd. Ja, het grappige is dat een bruidsschat dan juist weer wel iets is.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Het is een soort, ja, gekke term, maar ja, goed, het is nou eenmaal wordt zo genoemd, die krijg je dan mee in bruidsschat. Dus ja, daar zit je dan mee met die bruidsschat en die kun je natuurlijk omvormen later naar eigen.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Reikt mijn kennis, dus als we het even technisch bekijken, het is ook een ja, nou...

A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66

Het is nog gewoon heel erg technisch.

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

Ik zie een vinger van D66. Ja, ik vroeg me af. De wethouder zegt volgens mij zelf ook wat verbaasd over die term, dus misschien kunnen we die ook gewoon wijzigen. Het is een landelijke term. Het spijt me, dat is echt in de hele Omgevingswet, is het fenomeen bruidsschat echt.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Ja, een vakterm zal ik maar zeggen. Ja, nee, anders zou ik hem wel wijzen. Ik vind het een rare term. Het is gewoon, ja, alsof je er blij mee moet zijn, maar ja. De samenleving contract leek me toch niet? Ik kijk nu even rond of nu in eerste termijn alle vragen zijn beantwoord. Ik kijk ook nog eventjes naar de andere collegeleden, of er nog behoeftes om is.

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Eerste termijn nog iets aanvullend te zeggen? Nee, mooi zo, dan stel ik voor om naar de tweede termijn te gaan. Oh, sorry, ik neem me niet kwalijk. CDA heeft nog een vraag, ja, volgens mij had ik nog een vraag over de 6000 woningen.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

In de visie en de monitoring

Ph. (Philip) van Veller - wethouder

En of we niet ergens de grens kunnen bereiken en hoe we daar dan mee omgaan? Wethouder, een excuus voor het? Ja, dank u wel, voorzitter, en dank u wel, CDA. Ja, ik hoor het CDA wel vaker vragen juist naar hoe staat het met de woningbouw? Gaan we hard genoeg of snel genoeg met het bouwen daarvoor? Dus wat dat betreft is de belangstelling herkenbaar. Ja, we hebben een, zoals ik al zei, hè, er zijn allerlei ontwikkelingen in en rond de gemeente, onze gemeente en onze hele regio kent heel veel woningzoekenden. En die willen we een woning bieden en dat is dus ook regionaal vertaald. We hebben een regionale woondeal. Maar we hebben ook een perspectief. Eigenlijk zouden we als gemeente nog veel meer woningen moeten bouwen om onze bijdrage aan dat perspectief te leveren. Maar voorlopig gaan we dus uit van die woondeal en een extrapolatie daarvan. Maar ook dat gaan we inderdaad wel monitoren, want het zou kunnen. Ja, je ziet wel vaker dat de woningmarkt enorme schommelingen heeft en dat er een vraag en aanbod etcetera is.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

De richting waarop we ons bewegen en er zit een hele bijlage bij waarin het helemaal wordt gekwantificeerd. Maar dit is het verhaal daaromtrent. Dan ja, bij deze. Voor de tweede termijn, ik stel vast dat ik vier toezeggingen genoteerd heb. En dat is als eerste toezegging dat de plannen van de Meer uiteraard meegenomen worden in de omgevingsplannen. De toezegging dat gekeken wordt naar een mogelijkheid om lijn 6 richting de Star in ieder geval op zijn waarde te bekijken. De toezegging van de gedachtegang, hè? Uit. Ik klom het klonk en toen ze als toezegging. De opwaardering van de poging om van feiten naar 30 km te gaan, dat te versnellen. Als dat mogelijk is? Sorry. Ja, we nemen dat op zich terug dan en dan een technische beantwoording van de term bruidsschat als zodanig, ja. En dan als u zich daar verder in kunt vinden, dan wilde ik graag vragen of u dan in tweede termijn ook wilt aangeven wat u met dit raadsvoorstel wil doen of dat als hamerstuk dan wel als bespreekstuk.

E.H. (Ed) Klaarhamer - GBLV

Raad toe gaat. En dan begin ik weer.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

Met. Meneer

R. (Ron) van Duffelen - CDA

Eerste. Dank u wel, voorzitter. Ja, in principe hamerstuk. Dank u wel, meneer Van Duffelen. Ja

G.D. (Guus) Beek - VVD

3 30 300 bedoel je? VVD, ja nou, we zijn.

Th.J. (Diederik) Visser - CDA

We hebben de antwoorden gehoord. We nemen het mee terug naar de fractie en wat ons betreft wordt het een bespreekstuk, want wij moeten nog over wat dingen nadenken. Heeft u ook iets waar u specifiek? Zo onder andere Stompwijk en eventueel economie. Aandacht LV.

A.J.M. (Alexander) Hielkema - D66

Ik sluit me aan bij het CDA en de VVD. Ja, ik wil het ook meenemen. Terug naar de fractie en er een bespreekpunt van maken. D66 anders dan het feit dat het een bespreekstuk wordt. Nou dan niks. Heel goed, nee, ja, eerder.

J.F. (Ans) Seriese - GroenLinks

Ja, wij denken wel dat we dat moeten doen, dus dat woord intensief. Dat vinden wij nog lastig, dus daar kijken we nog naar. Ik kijk nu naar Erwin GroenLinks. Ja, voorzitter, zeker ter bespreking aan de Raad. Wij denken dat er op het stuk Vlietland nog wel iets verbeterd kan worden in de omgevingsvisie. Het geldt ook voor de 3 30.

S.R. (Sangita) Paltansing - PvdA

Kansen genoeg nog om er iets nog mooiers van te maken.

?