Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie.
Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven.
Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.
We daarmee dit agendapunt 9.4 af en gaan we naar 9.5, het vaststellen van de jaarstukken. Dan geef ik als eerste het woord aan mevrouw Van den Heuvel. Ja voorzitter, dank u wel. We hebben in de commissie hier al even over gedebatteerd, dus dat ga ik niet overdoen. Het zijn eigenlijk nog twee elementen die voor wat de VVD betreft nog wel even hier ter bespreking voor moeten liggen. En de eerste is met betrekking tot de organisatie en wel de omvangrijke inhuur. Wat we lezen is dat naar aanleiding van de motie die ik vorig jaar met collega Joris heb ingediend, waarin wij gevraagd hebben om grip op de organisatie te krijgen, waaronder bijvoorbeeld het personeelsbestand en de inhuur, is nu heel mooi inzichtelijk gemaakt wanneer er ingehuurd wordt of wanneer er iets niet doorgaat vanwege capaciteitsgebrek. Dat is heel fijn, waarvoor dank. Alleen nu we dus die duidelijkheid hebben, vallen natuurlijk ook een aantal dingen op en dat is dat we zien dat we eigenlijk nog steeds draaien, als ik het goed heb, bladzijde 131, op 22% externe inhuur. Dat is 1/5 van de organisatie. Tegelijkertijd zien wij het ziekteverzuim omlaag ten opzichte van vorig jaar, het jaar daarvoor, wat heel goed is. Complimenten. Maar de inhuur blijft gelijk. En we zien ook het aannamebeleid of in ieder geval de mensen die aangenomen worden stijgen. Dat is ook denk ik fijn als dat structurele krachten zijn, maar de inhuur blijft nog steeds gelijk. We zien een daling in deeltijd versus voltijd, dat mensen gaan bij ons, bij onze gemeente, meer voltijd werken, maar de inhuur blijft nog steeds gelijk. Kortom, wij vragen ons af waar dat nou in zit. De totale inhuur is 17,3 miljoen. Nou ben ik zelf ambtenaar. Ik weet dat we als gemeente veel technische, nieuwe wetgeving en verplichtingen op ons af krijgen die specifieke kennis vereisen. Ik weet dat een organisatie flexibiliteit moet behouden, maar ik weet ook dat de CAO 24/25 voor gemeenteland afspraken bevat over de groei van externe inhuur en eigenlijk ook de plicht met zich meedraagt om die inhuur naar beneden te brengen. Ik ben even benieuwd. In de jaarstukken is wel te lezen dat wij dan in 24 inhuurbeleid hebben ontwikkeld. Die hebben wij dan als het goed is, denk ik, niet gekregen. Dat kan, is een collegebevoegdheid op de organisatie, maar daar zou ik dan wel de vraag bij willen hebben: kan de portefeuillehouder hier meer over vertellen en ook aan de raad kunnen vertellen of hij verwacht dat we op basis van dat inhuurbeleid, dus ook nu die inhuur van
Op korte termijn naar beneden gaan, krijgen voorzitter, en een tweede is de. Eens even kijken, dank. Ik vroeg mij af: het gaat nu erg over de getallen, maar het gaat toch eigenlijk om het resultaat dat we als gemeente bereiken. En nou hebben we ook een verhaal gehad, ook in de commissie, dat we als gemeente niet bereiken wat we ons wel hebben voorgenomen, dat er veel sprake is van onderuitpunt. Dat komt onder andere doordat we gewoon te weinig mensen kunnen inzetten. Dan komt er een deel inderdaad door externe inhuur dat we toch nog wel iets voor elkaar krijgen. Idealiter zou je natuurlijk je organisatie helemaal op peil hebben, maar is het nou verstandig om ons eerst daarop te focussen?
Verhouding externe inhuur en eigen personeel, of is het verstandig om eerst maar eens te kijken naar het daadwerkelijk realiseren van onze voornemens? Voorzitter, als je in de budgetoverheveling bekijkt waarom we die 10,8 miljoen meenemen naar dit jaar, dan zitten daar een aantal factoren achter. Dat is een fasering in raming. Dat zijn externe afhankelijkheden. Dat is complexiteit van de opgave, dan wel dat later de opgave complexer blijkt dan we hebben bedacht. Dus het capaciteitsprobleem is daar maar één van de redenen. Wat mij betreft is het een en opgave.
En we kijken naar hoe we de resultaten van onze gemeente bereiken, maar ook hoe we nu op de organisatie gaan sturen. Maar hoe ziet de VVD dat dan? Want ik sta natuurlijk achter het verhaal, maar het is wel lastig als je begint met het terugbrengen van inhuur. En ja.
Voor een deel is het mede afhankelijk van het gebrek aan mensen dat we een deel van ons beleid niet kunnen realiseren. Dus hoe weegt de VVD dat nou? Nou, voorzitter, volgens mij heb ik net gezegd dat er meerdere factoren zijn die maken dat plannen net niet in dat boekjaar...
Ding, maar dus dat betekent dat we nog steeds en en op beide moeten sturen. Ga je verder, het tweede element zat hem in de OZB niet-woningen en wat we zien is dat de jaarstukken rapporteren dat we over 24, en dan moet ik het goed zeggen, meer opbrengsten hebben gemaakt dan van tevoren verwacht en welgeteld vijfhonderdzestienduizend euro. En als je dan leest waar dat dan vandaan komt, dan zit hem dat vooral in het feit dat de marktwaarde van commercieel vastgoed, vooral winkelpanden, fors is gestegen dan verwacht. Kortom, voorzitter, dat betekent dat eigenlijk deze opkomst gegenereerd is voor of door ondernemers en wij zouden dan ook voor willen stellen dat in een economisch vitale gemeente het essentieel is dat we die ondernemers ook weer steunen, dus dat we dat geld ook weer terug laten vloeien ten behoeve van onze ondernemers en vitale winkelgebieden. Ik ben niet van plan er een doelbelasting van te maken. Het is een incidentele meeropbrengst die we mooi weg kunnen zetten in een bestemmingsreserve, dus zodoende het amendement. Ik ga hem niet helemaal voorlezen, maar we besluiten daarin die € 516.000 meeropbrengsten van de OZB niet-woningen in een bestemmingsreserve genaamd Aantrekkelijke winkelgebieden te parkeren.
We daar de komende tijd ons vitale economische klimaat mee kunnen ondersteunen. Dank u wel, meneer Wilschut. Ja, voorzitter, ik heb eigenlijk een vraag over de onderbouwing hiervan, want.
Die is gegenereerd dat die door ondernemers is gecreëerd en dat wil ik wel onderbouwd zien. Voorzitter, nou heb ik niet de bladzijde erbij geschreven wat ik normaal wel doe, maar dat staat te lezen dat er twee factoren te kenmerken zijn voor deze OZB niet-woningen. Dat is één een kleine stijging in sportaccommodaties en twee het economisch vastgoed. De sportaccommodaties. Die worden even dan maar heel plat gezegd, al gecompenseerd in hun energiekosten.
Geldt dat nu niet en dat is wat we nu wensen te bereiken. Ik kan de bladzijde erbij zoeken, maar, nou voorzitter, dat is niet nodig, want mijn vraag is nog steeds niet beantwoord, namelijk een waardestijging van een huis, maar ook van een vastgoedpand, zoals het hierover gaat over niet-woningen. Die kan natuurlijk door heel veel dingen worden beïnvloed, namelijk bijvoorbeeld of de OV verbetert of dat.
Heel aantrekkelijk beleid hebben vastgesteld in deze gemeente. Dat heeft dus niet per se te maken met iets wat ondernemers hebben gedaan en dat suggereert u hiermee wel. Nou ja, ja en nee, hè? Het zijn wel die panden in die gebieden die dat opgebracht hebben. En ja, inderdaad, wat u zegt, hè? De meerwaarde wordt gemaakt doordat de omgeving prettig en schoon onderhouden is.
Het vergroen wordt doordat we de bereikbaarheid vergroten. Dus zodoende impliceert natuurlijk wel dat het een het ander volgt. Ja, misschien tot slot dan. Volgens mij is dan dus de conclusie dat we als gemeente dus
Dus dan heel logisch bij ons wordt en dat dat inderdaad al heel goed lukt om daar nou een economisch vitale gemeente te zijn. Ik denk dat we een goed eind op weg zijn, maar ik denk dat er echt nog wel slagen te maken zijn. We hebben niet voor niks ook een handreiking van het MKB Leidschendam-Voorburg gehad, waarin echt nog wel een aantal punten zijn ter verbetering. We zien dat er nog evenementenbeleid aan komt. We zijn heel goed in gesprek met
Waarom de VVD voor deze manier van kaderstellen heeft gekozen. Waarom niet gewoon bij de begroting komen met een aantal voorstellen met een dekking vanuit de algemene reserve?
Als we daar geld uithalen, waarom we dat doen en met welk doel? Maar waarom is dit dan een meer transparante manier dan gewoon een begrotingsvoorstel in het najaar indienen?
Met een bestemmingsreserve uiteindelijk een bestedingsplan moet maken waardoor je dus heel scherp afkadert wat wel en wat niet. Ja, mevrouw Van der Heide, ja, dank voorzitter. Die meeropbrengst van OZB niet-woningen daarbij ook naar gevraagd of de tafeltjesavond. En de reactie was dat het overgrote merendeel van die kosten of die opbrengst voor de gemeente vooral afkomstig is van de waardestijging van de Mall en. De Mall berekent dat ook door, hè, aan haar huurders. Vandaar ook dat wij heel veel meer OZB daar naar binnen trekken. Fijn dat we die gelden terugkrijgen. Ik ben het helemaal met collega Wilschut eens dat het dus niet iets is waarvan je kunt zeggen, dat hebben we te danken aan de ondernemers. Dat is gewoon een landelijke trend, hè? Dat ook bedrijfspanden weer aantrekken qua huurmarkt. Dus los van dat het een nobel doel is om te zeggen, we investeren in, hè, bereikbaarheid, toegankelijkheid en dergelijke. Het is niet iets inderdaad, wat te danken is aan de ondernemers en twee ook als u inderdaad iets wilt stimuleren, dan zou dat volgens mij gewoon heel goed.
Kunnen vanuit de algemene middelen met een gericht voorstel OZB vloeit er al naar terug, dus waarom dan nu in één keer een hele pot geld daarvoor apart zetten? Ik ben het niet helemaal eens met de collega's als zij zeggen dat het niet te danken is aan ondernemers, hè? Als je ziet afgelopen weekend hebben we natuurlijk jazz in het Huygenskwartier gehad. Daar zit ook sponsoring en subsidiëring van plaatselijke ondernemers in. Het zijn ook dat soort activiteiten en investeringen van ondernemers in, nou ja, niet dan de fysieke elementen, maar ook de, ik noem het maar even, de sociale dingen, de evenementen die ertoe leiden dat, nou ja, daar waardestijging is, dat mensen het fijn vinden om er te komen om iets te kopen. Uiteindelijk onze aantrekkelijke winkelgebieden hebben.
Op de huizenprijzen hè, want de voorzieningen daar zitten ook je winkelcentra en het koffiebourg om de hoek in. Mevrouw Van der Heide en daarna meneer Rosbenders, ja, dank voorzitter, blijft mijn vraag staan, maar als u daar meer in...
Wilt investeren, waarom dan niet? Met een gericht voorstel komen wat u dan precies wilt en dat dan gewoon vanuit de algemene middelen te doen waar deze OZB-inkomsten ook naar terugvloeien. Voorzitter, we hebben nogmaals uit transparantie gekozen voor een bestemmingsreserve, juist omdat je daar met een bestedingsplan strak afkadert.
Rospenners zeker blijft staan, hè? Dan zegt u een bestandje met een gericht bestedingsplan, maar dat is nou precies wat ik hierin mis. Wat wilt u dan precies gaan doen met dit geld? Ja, voorzitter, de VVD heeft uiteraard heel veel plannen. We hebben twee jaar geleden ook nog een top 5 gepresenteerd, dus laten we hier die niet allemaal...
Dus vanuit de algemene reserve gaat putten. We zeggen nu aan de voorkant heel duidelijk waar we het voor willen hebben en waar we het voor gaan gebruiken. Maar er is nog steeds geen gefundeerd plan dat daar aan raakt. Geen gefundeerde acties. Nu zet je een half miljoen weg waar je dus eigenlijk niks aan kan doen als er misschien een ander urgent probleem zich voordoet. En dat is best wel vervelend, dus nu moet je dus dat geld wordt geoormerkt voor ondernemers. Ik denk dat onze ondernemers in onze...
Gemeente heel goed zelf weten wat ze willen en wat ze kunnen. En dan zou ik zeggen, van ja, kom dan met de begroting met een goed voorstel wat we met dit geld gaan doen. Ik snap helemaal de zorg van de collega van GroenLinks, tegelijkertijd een bestemmingsreserve is.
Gaat u verder? Dat was hem eigenlijk, voorzitter. Mevrouw Van der Heide. Ja, dank u, voorzitter. Nou, wat het CDA betreft een tweeledig beeld bij de jaarstukken. Enerzijds blijft staan natuurlijk dat we een gemeente zijn waar het financieel zeer goed gaat. Een vermogenspositie waar menig andere gemeenten jaloers op zal zijn en tegelijk blijkt uit de jaarstukken een terugkerende trend, namelijk dat het ons niet lukt de investering op niveau te krijgen. Geplande bestedingen, zoals hier al vaker opgemerkt, lukken niet wegens onderbezetting, krappe orderportefeuilles, et cetera. Dat is een patroon. De wethouder heeft zelf aangegeven, een bedrijf zou er blij mee zijn. Voor ons geldt dat niet, want dat betekent dat als gemeente dan met die onderbesteding geen publieke waarden genereren. En dat terwijl juist zoveel opgaven zijn. Voorzitter, de wethouder heeft al aangegeven in de commissie daar in de komende tour op in het najaar scherper aan de wind te gaan zeilen om herhaling te voorkomen. Nou, daar zien wij dan ook naar uit. Daarnaast heeft het CDA in de commissie aangegeven een aanpak op zorgfraude te missen in de jaarstukken. En de burgemeester heeft in de beantwoording daarop aangegeven dat in onze regio momenteel het RIEC, het Regionaal Informatie en Expertise Centrum, onderzoek doet naar wat er speelt op het vlak van zorgfraude, maar dat er nog geen concrete aanpak is in onze gemeente. Tegelijk gaf hij ook aan dat er wel veel aandacht voor is binnen het college en ook binnen het ambtelijk apparaat. Goed te horen. Voorzitter, het CDA wil dat zorggeld naar de zorg gaat en gezien de grote geldstromen die weglekken naar malafide zorgaanbieders, waarbij door anderen de politie en VNG is geconstateerd dat er veel geld ook naar grootschalige criminele ondermijning vloeit, wil het CDA een motie daarop indienen, mede namens de VVD, en het dictum daarvan luidt: verzoekt het college de raad informeren over de constateringen van het RIEC inzake zorgfraude in onze gemeente en in de regio. Een integrale aanpak zorgfraude te ontwikkelen met oog voor de kwetsbaarheid van de zorgsector voor criminele ondermijning, daarbij de VNG-leidraad en de succesvolle voorbeelden in acht nemend.
Hoe gaan we dit betalen? Want als we een integrale aanpak hebben, dan verwachten we, verwacht ik zomaar dat we daar wat kosten voor moeten maken. Ja. Dank voor het woord, voorzitter. Terecht punt tegelijk uit de discussie in de commissie kwam al naar voren, hè? Dat de gemeente ook al bezig is met het kijken naar die voorbeelden. Dat is een deel van die plannen. Zowel het rekenonderzoek, want er zal bij het rek is belegd en dus voor een deel voor ons wordt gedaan als we eens het kijken naar specifieke voorbeelden in den lande al wordt opgepakt. Het is voor een groot deel ook een regionaal probleem, dus het is ook niet iets waarvoor wij zelf alleen de kosten moeten dragen. Dus in die zin is het meer een kwestie van de zaken die al lopen bij elkaar brengen, maar wel terug te komen.
Maar dan blijft de vraag openstaan, wat mag dat dan kosten? Is dat dan iets wat we dan gaan bespreken? Wat u betreft, wat is uw voorstel op dat punt? Ja, dank voorzitter, ja, vandaar ook hè? Expliciet de vraag van kom terug met wat het Rijk heeft geconstateerd en kom terug met die voorbeelden waar de burgemeester van haar gaf dat ambtelijk apparaat daarvoor een deel al mee aan de gang is gegaan. Want dan pas
Kunnen we ook beter beoordelen wat het vraagt? De integrale aanpak van zorgfraude en welke kosten zijn er met name mee gemoeid als we het ook daadwerkelijk gaan uitvoeren? Dank u wel. Gaat u verder, mevrouw Van der Heiden.
Kan niet bij de commissie en bij de raadsverstek laten gaan natuurlijk. Voorzitter, kent u die grap van een college van burgemeester en wethouders? Die roept ravijnjaar, ravijnjaar. Er wordt beknibbeld, bespaard, soms wat bezuinigd. Er worden regelingen uitgekleed. Soms is dat natuurlijk onderbouwd in de specifieke beleidsterreinen waar dat om gaat, maar altijd in de context van dat ravijnjaar. De VVD maakt tegelijkertijd mensen bang dat de woonlasten omhoog gaan. Maar voorzitter, al die dingen zijn eigenlijk feitelijk onjuist. Als we eens kijken naar de begroting of naar de jaarrekening die voorligt, dan zien we dat het 12 miljoen beter gaat dan begroot en onder meer omdat de schuldhulpverlening en de uitvoering van het minimabeleid achterblijft. Dat vinden wij ernstig en daar kom ik zo met een voorstel op. Voorzitter, het leek nuttig om eens te kijken naar de afgelopen 5 jaar, want we zijn al enige tijd bezig met dat ravijnjaar in het zicht. Daarom moeten we voorzichtig zijn met de financiën. En als we dan kijken, gewoon naar het structurele resultaat van deze gemeente de afgelopen 5 jaar, dus dan kijk ik vanaf 2020 en verder: 4 miljoen in de plus, 2021 4 miljoen in de plus, 2022 8 miljoen in de plus, 2023 11 miljoen in de plus, 2024 16,5 miljoen in de plus. Voorzitter, ook als je dan kijkt naar de incidentele middelen, hè, want dan hebben we het over de techniek, dan zien we dat over die 5 jaar 33 miljoen meer resultaat is geboekt dan in eerste instantie was begroot. Dat is wel heel veel. En nou is daar het een en ander over gewisseld al in de commissie. Ik zou zeggen, hier zijn in ieder geval twee dingen uit af te leiden: één, het rijk is onvoorspelbaar en onbetrouwbaar als het gaat over de financiering van gemeenten. Daar hoeven we ook niet omheen te draaien, maar twee, we zijn ook wat zwartkijkerig als het gaat over onze gemeentelijke financiën. En gelukkig heeft de wethouder en de commissie aangegeven volgend jaar niet op nul toe hoeven uitkomen. Dit jaar gebaart hij. Er hoeft niet in zijn woorden kapot bezuinigd te worden, dus dat is heel goed, maar er is meer nodig. Er is herstel nodig en daarom dienen wij een amendement in. En dat amendement dienen wij in mede namens GroenLinks, CDA, ChristenUnie en de SP. En dat amendement strekt ertoe om de middelen die vorig jaar zijn overgebleven ten aanzien van de schuldhulpverlening en de uitvoering van het minimabeleid om die in een bestemmingsreserve te plaatsen, zodat we daar op een transparante manier en met scherpe keuzes alsnog kunnen intensiveren wat er nodig is voor de inwoners.
Op een socialer beleid vanaf maart 26. En op dit moment is dit wat wij denken daaraan te kunnen bijdragen. Mevrouw Van den Heuvel, ja u snapt dat ik natuurlijk helemaal blij word van het woord bestemmingsreserve. Alleen kwam net juist van diezelfde heer Streefkerk.
Spreker: J. (Jochem) Streefkerk
De vraag waarom een reserve, een bestemmingsreserve, en niet gewoon mooie transparante voorstellen uit de begroting in november. Dus dan even bij deze dezelfde vraag terug. Ja, voorzitter, ik vond het antwoord van de VVD ook heel goed, heel passend. Ik vroeg me alleen maar af waarom de VVD die keuze maakt, omdat meestal de VVD zich verzet tegen dit soort bestemmingsreserves. We hebben het lang gehad over de bestemmingsreserve corona. We hebben het lang gehad over de bestemmingsreserve opvang vluchtelingen, dus het verbaasde mij dat de VVD met dit voorstel kwam. Ik vind het een heel goed idee om op deze manier.
Kan heel goed worden ingezet, voorzitter. Eerst even mevrouw Van den Heuvel en daarna meneer Magnuti. Ja, voorzitter, ik dacht dat ik het nooit ging zeggen, maar ik houd toch ook dan nog na dit betoog van een beetje van de heer Streefkerk maar even terug.
Want het is een mooi trucje natuurlijk, hè? Maar even dan antwoord op de vraag: waarom geen transparante voorstellen namens de PvdA bij de begroting? Nou, voorzitter, hier spreekt de VVD zich tegen, want ik heb net begrepen dat deze manier van het vormen van een bestemmingsreserve de transparante manier is om de dingen te doen. Ik heb geen enkel probleem tegen een voorstel bij de begrotingsbehandeling om op dit beleid te intensiveren. Ik denk ook, als we terugkijken, dat wij die voorstellen hebben gedaan, zowel bij de begrotingsbehandeling vorig...
Kijk aan, zelfde antwoord. Nu even kijken. Ga verder. Ik had het eind van mijn betoog bereikt, voorzitter. Voorzitter, toch nog een vraag. Ja, kijk, meneer, wat doet hij? Ja, want met dit voorstel zouden we dan nou een groot bedrag beschikbaar stellen? U geeft ook terecht aan, nou, u bent al een aantal keer met een aantal voorstellen gekomen, ook bij de kadernota vorig jaar. Wat weerhoudt u om dat bijvoorbeeld morgen weer te doen, hè? We hebben ook, ja, wat concreet inzicht in daadwerkelijke plannen, zonder dat we nu eigenlijk een heel groot budget toch...
Toch als bestemming gezegd neerzetten zonder dat we eigenlijk weten wat de denkrichting is achter dit bedrag. Dat zou mij in ieder geval helpen. Ja, zeker en een terechte vraag en ik denk dat daarin ook een groot verschil zit met het andere amendement, wat zojuist is ingediend. Kijk, dit amendement is ingegeven vanuit de constatering, ook gewoon vanuit het college zelf, dat voorgenomen beleid niet is uitgevoerd en dat regelingen die er wel zijn gewoon niet toegankelijk genoeg zijn gebleken. Daar is beleid op voorgenomen. De middelen die daarbij horen vinden wij te weinig. Daar hebben we ook al eerder voorstellen voor gedaan en deze vorming van een bestemmingsreserve geeft aan, bijna taakstellend, dat we daar iets mee moeten en ik zou ook, en dat zit ook in het amendement, in de toelichting daarop aan het college willen vragen om daar met voorstellen.
En als dat niet komt, dan zullen wij zeker die voorstellen zelf indienen. Mevrouw Van Den Heuvel. Nog heel even op dit punt aan meneer Mathlouti. Sorry, ja zeker en dan toch de vervolgvraag, hè? Ik bedoel, we hebben zeker op het gebied van armoede en schuldhulpverlening best wel pittige debatten gehad. Eerder zelfs ook over de energiearmoede en de regeling die daaronder hing. Ja, daar hebben we echt ook op de euro bijna de discussie met elkaar gevoerd. Dan had ik toch wel gehoopt om hier toch van u dat u toch met een aantal voorstellen had kunnen komen. Want ook recent schuldhulpverlening.
Schuldhulpverlening hebben we best wel wat. Voorbeelden met elkaar gewisseld en dan kijk ik ook naar links naar de woordvoerder binnen uw partij. Ja, ik denk twee redenen om dat nu niet te doen. Eén, het is een kadernota en straks komen we ook met een, hè? Met de blik op de toekomst. Die wordt nu niet behandeld. We hebben het nu over de jaarstukken. En wat kunnen we vanuit die jaarstukken doen om die ruimte te creëren die we nodig hebben voor de voorstellen voor de toekomst? Dus dat is één en twee ook. Ja, we hebben ook een beetje met elkaar afgesproken. Bij het debat over deze financiële stukken gaan we niet de inhoudelijke debatten weer overnieuw doen. Dus wat dat betreft is het meer een ingegeven vanuit op.
En niet vanuit een gebrek aan voorstellen, want die liggen klaar en dat weet u. Daar refereert u ook aan, die kunnen zo worden ingediend. Mevrouw Van den Heuvel, nou ja, die voorstellen die hadden we kunnen bespreken, namelijk tijdens de commissie. Maar ik ben toch heel even benieuwd, hè? Want er ging net best wel wat de ronde, waaronder uw collega partner geld zoekt bestemmingen. En nou...
Ik wil zeggen, tot mijn verbazing, dat ik wil dat het college komt met een bestemmingsplan en voorstellen hoe dat miljoen dan te besteden. Is dit dan geen geld zonder bestemming? Nou, voorzitter, dit middel komt uit de koker van de VVD, hè? Dat is een inspirerend amendement. En ik denk niet dat het geld zonder bestemming is, in dit geval. Sterker nog, wat mij betreft schaffen we die bestemmingsreserve weer af als we aan het einde van dit jaar niet met elkaar tot goede bestedingsvoorstellen kunnen komen. Ik ben ervan overtuigd dat we daartoe zullen komen. Als die niet vanuit het college komen, dan zullen die vanuit ons komen, zoals we ook eerder al hebben gedaan. Dus ik ben er helemaal niet bang voor dat er geld in een potje wordt gestopt zonder dat er plannen voor zijn. Ik durf zelfs de stelling aan dat er voor deze bestemmingsreserve meer...
Hartstikke op dit punt, mevrouw Van den Heuvel. Nou, voorzitter, met zo'n onderbouwing ga ik ervan uit dat u zo natuurlijk dan ook voor ons voorstel gaat stemmen. Nee, voorzitter, want ik denk dat vanuit de toelichting die we hebben gegeven ook duidelijk wordt dat de bestemmingsreserve die wij willen vormen, wordt gevormd met middelen die al waren bestemd op dit beleidsterrein, al waren bestemd voor de uitvoering van regelingen, maar om allerlei redenen daar niet aan zijn uitgegeven. En dat is iets heel anders dan te zeggen. Vanuit een externe omstandigheid is meer.
En dat geld willen we aan een potje besteden waarvoor nog niet eens eerder voorstellen zijn gedaan. Dus een groot verschil. Mevrouw Van Weers. En nog een kleine reactie, het antwoord was de vorige ronde dat als het geld niet nodig was, kunnen we het alsnog terug laten vloeien in de algemene reserve, al denk ik dat het geld ontzettend nodig is in onze gemeente, want we...
We gaan wel dingen niet compleet bezuinigen. Maar er zijn mensen die dit geld vorig jaar al nodig hadden en die daar zitten dan nu op te wachten. Dat wilde ik ook nog even zeggen. Even kijken, zijn er... U was klaar toch, meneer Streefkerk? Yes, iemand in deze termijn nog het woord? Ja, meneer Van Duffelen begreep ik niet. Nee, dank u wel. Dan kijk ik naar de zijde van het college. Jij wilt schorsen voordat het college gaat antwoorden, dan doen we dat en een kleine tijdsindicatie toch?
Minuten hè? Zie ik ja ja, ik zie het gezicht van de wethouder Financiën die hier die wil zich grondig voorbereiden met zijn collega's, dus wij gaan om 10.05u verder.
Ja, dank u wel, voorzitter, en dank u wel, leden van de raad, voor de inbreng over de jaarrekening. Ja, het is een jaarrekening. We hebben het eigenlijk de vorige commissievergaderingen al over gehad, de uitgebreide commissievergadering. Het is een jaarrekening waarin we constateerden dat we veel geld hebben overgehouden ten opzichte van de laatste begroting die we hebben vastgesteld. En dat is ook wel een beetje het resultaat van behoedzaam begroten, stelposten, etcetera, en alles wat we denken te gaan doen meteen ook keurig in de begroting opnemen. Ja, en als dat dan even tegenvalt, nou, ik heb vorige keer al gezegd, iedere begrotingspost waar we niet dat bedrag hebben gehaald dat we wilden uitgeven, heeft weer zijn eigen verhaal. Maar het komt er hier op neer dat we aan het eind van de rit geld over hebben en dat is niet voor het eerst. Dat is inderdaad een aantal jaren gebeurd. Dat komt ook soms omdat je nu eenmaal moet begroten wat je maximaal denkt uit te geven, want anders ben je onrechtmatig. U zag ik aan de accountantsverklaring dat wij een zeer laag bedrag aan onrechtmatigheid hebben en dat komt omdat we zo heel behoedzaam en zorgvuldig begroten. Dus daar komt het een beetje door. Nou, er zijn meerdere factoren. Komt er in ieder geval ook hierop neer natuurlijk en dat zei de heer Streefkerk al terecht dat het natuurlijk ook soms aan het rijk ligt dat dan weer aan het eind van het jaar toch nog weer een groot bedrag ons doet toekomen dat dan vervolgens per 31 december of 1 januari plotseling incidenteel is geworden in een reserve en dan in de reserve vloeit en zo kun je er toch structureel nog niks mee doen. Ik ben de afgelopen jaren is wel leuk dat de heer Streefkerk over de afgelopen jaren terugplichten vind ik ook wel leuk om te doen is misschien wel de laatste kadernota. En, nou ja, ik heb de afgelopen jaren ook dat proberen het nodige aan te doen, zowel door het tegengaan van planningsoptimisme als door het wat realistische begroten, maar ook aan de kant van het rijk heb ik bepleit dat een deel van het geld wat je in de algemene reserve hebt, wel voor structurele doeleinden mag inzetten. En dat is ook gehonoreerd door het rijk. De BBV is aangepast en nu mogen we binnen allerlei solvabiliteitsgrenzen een deel van onze reserve ook inzetten voor structurele doeleinden. En dat geeft ons ook net even wat meer ruimte en heel veel andere gemeenten in Nederland ook. Om net iets wendbaarder te begroten, want dat is mijn grote doel uiteindelijk om zo wendbaar te begroten als de maatschappelijke vraagstukken van ons vragen. En dat is ook meteen een beetje het antwoord op de hele discussie rond de bestemming reserve. Want ik kom to the point, voorzitter, de bestemmingsreserves. Betekenen een stickertje binnen de reserve, dus je hebt de algemene reserve en dan heb je een aantal bestemmingsreserves. Die moet je dan nog voorzien van een bestedingsplan. Dat moet in ieder geval ook voor het nieuwe bestemmingsreserves die je nu zou willen stichten. Die zou je daar een bestedingsplan voor moeten opstellen richting de begroting, want daarna gaat de provincie kijken of jij wel een nette begroting hebt en de accountant gaat er ook nog eens een keer in de kijker als je straks hebt uitgegeven en dan moet je natuurlijk wel aangeven wat je ervoor wil doen en. Nu bleek uit de afgelopen discussie van de eerste termijn dat er wel ideeën zijn over het stichten van bestemmingsreserves, maar die besteding daarvan, dat heb ik nog niet gehoord. Dat is ook logisch, want morgen gaan we het natuurlijk hebben over de kadernota en dan gaan we ook richting begroting. Maar het effect van het stichten van nieuwe bestemmingsreserves is wel dat die wendbaarheid teniet.
Ja, voorzitter, maar dat is toch wel een beetje een theoretische wendbaarheid omdat we echt bulken van het geld, zou ik bijna willen zeggen. Ja, en dat is precies ook nog een reden waarom ik het niet zo nodig zou vinden om weer nieuwe bestemmingsreserves te stichten. Want nou ja, bij bulken van het geld, het blijft gemeenschapsgeld en het blijft ook lastig om structureel iets in te zetten. Natuurlijk hè, want er zijn wel incidenteel geld om een beetje met de slag om de armen, toch? Ik zou gewoon eigenlijk nou, ik kan hele verhalen houden over de herkomst van het geld van de OZB niet-woningen of de herkomst van het overschot op Sociale Zaken, hè? Het komt deels ook weer door meer geld vanuit het rijk, ook op BUIG, waar we natuurlijk jarenlang geld op hebben toegelegd. Toen heb ik niemand gehoord over een negatieve reserve die we daarvoor zouden moeten opnemen. Maar we hebben ook bijvoorbeeld, nou gaan we het morgen allemaal over hebben over hoe dat nou komt dat we niet het volledige budget uitgeven. Betekent trouwens niet dat het budget omlaag gaat, maar wel gelijk. We gaan inzetten op meer bereik. Nou, kortom een heel verhaal om duidelijk te maken dat ik eigenlijk liever op basis van plannen discussieer dan op basis van deze financiële techniek. Ik als raadslid zei ik altijd geld zoek bestemming over bestemmingsreserves. Ik zou de raad echt willen ontraden om nog meer bestemmingsreserves op deze manier te maken, maar wel uit te nodigen om te kijken of je plannen zou kunnen formuleren en ons meegeven morgen, want morgen is de kadernota aan. Dat gaat richting de begroting dat u morgen met plannen komt of richtingen van plannen die we dan richting de begroting kunnen uitwerken. Dus als u zegt van nou dat en hopelijk dan incidenteel van wat zou u nou met die bestemmingsreserve doen als u daar plannen voor heeft? En ik kan me ook voorstellen dat u niet morgen meteen allemaal uitgewerkt heeft en wij hebben in ieder geval morgen geen uitgewerkt antwoord erop, dus ik hoop dat u dan onze richtingen aangeeft die we dan met u kunnen uitwerken richting de
Nieuwsgierig naar wat het college vindt van de onderbouwing dat meerwaarde door ondernemers is gecreëerd, is dat ook zo? Ja, de ondernemers creëren hier op alle mogelijke manieren meerwaarde. Daar ben ik ook best wel blij mee en trots op. De overschrijding is een overschrijding, zal ik maar zeggen, meer het boven geraming is omdat wij op een zeker...
Wolfswaarde gingen toen nog. Je hebt natuurlijk de wolfswaarde, dat is de belastinggrondslag. Je hebt een percentage dat erop zet en je hebt een uitkomst. Mevrouw Van Den Heuvel op dit punt, ja, toch even een correctie, hè? Want er staat in de onderbouwing. Het is essentieel om de meerwaarde die ondernemers creëren, zowel
Op gegeven. Ja, ik ben er niet mee eens dat het een mooi antwoord is, maar het is een antwoord. Laten we het daarop houden. Ik was het nog niet eens klaar met mijn antwoord. Dit was nu al mooi volgens mij, hartstikke leuk. Nee, ik wilde dus zeggen dat het ramingsverschil ook komt door het feit dat wij op een bepaald moment die raming maken op basis van de WOZ-waarde, etcetera, en de economische waarde in het geval van OZB niet-woningen en uiteindelijk komt er een getal. Komt er een percentage uit. Later bleken die economische waarde veel hoger te zijn.
Is dat mooie meerwaarde voor de gemeenschap om van alles aan mee te doen en daar bespreken we morgen. Dat was het van de wethouder, dank u wel. Even kijken. Van de zijde van het college nu geen nee, dus mag ik aan de slag.
Aan de portefeuillehouder. Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, die gaat nog in het geschenkenregister heb ik van meneer Klaarhamer gekregen. Ja, twee dingen: een is het punt van de zorgfraude en het andere punt is van het inhuurbeleid. En op allebei kan ik zeggen dat we het van harte met elkaar eens zijn. Twee jaar geleden constateerden we dat we echt wel heel dik in de percentages externe inhuur zaten en zitten. En toen hebben daar ook de gesprekken over gevoerd en kwamen erachter dat we eigenlijk alleen op financiële kaders beleid hadden op dat onderwerp. En dat is natuurlijk niet handig, want dan, ja, zolang je geld blijft houden, dan kun je er niet heel goed op sturen, dus daar hebben we afgelopen jaren is daar een aanpak op gemaakt. Beleidsregels op ontwikkeld omdat we echt wel dat percentage omlaag willen laten gaan en dat zien we ook heel langzaam gebeuren, maar dat gaat mondjesmaat, komt door een aantal dingen. Maar ik wil wel gezegd hebben dat best veel inhuur, ja, daar zit een bepaalde noodzaak in. Dat weet u ook? Dat heeft u ook al aangegeven. Maar er zit ook wel best vaak het verlies aan ervaring en ontwikkeling en dingen bij, omdat die mensen tijdelijk bij je zijn en je op best wel wat punten liever mensen voor vast hebt. Dus vanmorgen hebben we ook in het college een voorstel gehad waar heel veel tijd en moeite in is gaan zitten om dat dicht te rekenen zonder dat er extra geld gevraagd hoeft te worden om meer mensen voor vast bij stadsbeheer aan te nemen. En omdat we echt best wel streng de klem ervaren om te zeggen, er moet niet zomaar geld bij de personeelsbudget van de gemeente, hebben we veel tijd en moeite gestopt in om te zorgen dat dat binnen, nou ja, bijvoorbeeld de extra kosten die inhuur met zich meebrengt, toch een goed plan van te maken dat op inhoud goed en op budget. Nou, dat is vanmorgen besproken en dat is echt ook een flinke stap in deze discussie of in het gesprek over hoe krijg je je inhuur omlaag? Maar ook hoe hou je je eigen mensen of je de kennis in je organisatie door die mensen in dienst te nemen? Ik vind daar ook echt de meerwaarde in zitten die je nou ook mag meerekenen in de tijd.
Het gaat ook langzaam maar zeker de goede kant op. Voorzitter, ik kijk even met een bochtje voor wie ik zie. Mevrouw Van den Heuvel, ja, dank u wel. Ik hoorde even ter controle de portefeuillehouder zeggen, hè, er is lang en hard gewerkt met als resultaat bijvoorbeeld vandaag het in dienst kunnen nemen van, nou ja, losse werknemers wil ik zeggen, tijdelijke werknemers naar vaste krachten. Maar
Maar dat is nog steeds wat anders dan de inhuur. Dus de vraag blijft staan, kunt u wat meer vertellen over het inhuurbeleid en hoe we dus het percentage inhuur naar beneden brengen? Nee, dan zei ik het iets te kort waar we vanmorgen over hebben gehad. In het college is het een inrichtingsplan om een aantal plekken in de organisatie van inhuur naar vast te brengen. Dus dat is niet zo dat we inhuurmensen voor vast in dienst nemen. Het is echt een inrichtingsplan waarin we hebben gekeken, hoe kun je op bepaalde plekken mensen gewoon vaste posities creëren om daar niet te hoeven inhuren? Dus dat is juist het in het systeem. Juist van inhuur naar vast gaan en dat is juist ook dit. Volgens mij raak ik dat precies aan dit namelijk. Daarmee gaat het inhuurpercentage structureel omlaag als het goed is. Omdat we nu op heel veel van die posities waar we het vanmorgen over hadden, nu ja, mensen inhuren en juist ook op plekken waarvan ik dus denk dat het meerwaarde heeft als je die mensen in dienst kunt houden, omdat ze dan ook de kennis in je organisatie houden. Maar ook de kennis kunnen opbouwen van wat ze op straat zien en wat er gebeurt en. Er is met name. Ik denk dat het van belang is dat we zelf ook steeds beter gaan kijken naar inhuur, bijvoorbeeld op projectbasis of voor tijdelijke dingen en inhuur voor structurele of regulier werk. En daar is natuurlijk de arbeidsmarkt ingewikkeld van. En toch moeten we daar nou echt ons best voor doen en dat zijn we nu dus nou, sinds 1,5 twee jaar wel echt op weg. Wat precies ons inhuurbeleid is? We gaan er wel op, blijven.
Maar voor nu denk ik dat dit is wat ik te delen heb op dit punt, voorzitter. Korte vraag mevrouw Van den Heuvel, want u staat hier net rood? Ja, dat is niet mijn schuld. We horen toch vooral het sturen op de structuur, maar ik ben even benieuwd. Is onderdeel van dat inhuurbeleid ook het gesprek over dat we dan bijvoorbeeld sommige
Dingen dan maar niet moeten doen of in beperkte mate, hè? Een kernachtige overheid met kerntaken. Ik ben even benieuwd of dat ook onderdeel is van datzelfde beleid. Het gesprek over dat we sommige dingen niet moeten doen, zit niet tot nu toe in het inhuurbeleid. Het is sowieso een lastig gesprek: wat doen we dan niet? Ik kom er wel zo op bij de zorgfraude, overigens ook in het kader van waar betaal je het uit? Maar het is een belangrijk onderdeel in het gesprek over de organisatieontwikkeling. Dus dat is breder dan het inhuurbeleid. Als je het hebt over dat hebben we hier vaker gezegd, hè? Even het getal van 130 en 80. Maar of dat nou precies de getallen zijn, maar een organisatie waar heel veel vragen liggen waar we naartoe willen, is dat er zoveel ruimte in zit dat als er nog nieuwe vragen door het jaar of van u of vanuit de samenleving komen, dat er ruimte voor komt. Daar zit dit natuurlijk wel in, namelijk dat je soms van zegt: oké, als we drie dingen moeten doen, we hebben tijd voor twee. Wie kiest er dan welke twee we eerst doen of welke we wel doen? Dus dat is wel degelijk ook onderdeel van het grotere gesprek over de organisatieontwikkeling. Maar ik heb hem vooralsnog niet expliciet ook gekoppeld aan inhuurbeleid.
Inhuurbeleid. Inhuurbeleid punt. Ja. Dat was 'm volgens mij, voorzitter, meneer Rosbenders, dus ik zou graag een punt van orde willen doen. We hebben al eerder met elkaar gesproken over de spreektijden. Toen hebben we afgesproken van, als we dan toch spreektijden doen, dan moeten we ook handhaven daarin. De grootste partij die de meeste spreektijd heeft gehad, die is er nu overheen. Ik heb daar zelf niet zoveel moeite.
Na de zomervakantie een evaluatie hebben over wat we gaan doen met de spreektijd. Dank, wij nemen die mee. Volgens mij heeft de agendacommissie daar onlangs over gesproken.
Tot zover. Dank je. Ik wou nog iets over die zorgfraude, zeg maar over de zorgfraude, namelijk een bruggetje in die zin dat. Nou ja, ik denk dat ik begon ermee op allebei de punten geeft het herkenning bij het college en bij mij. Tijdje geleden volgens mij in de commissie ook gezegd was, was er een oploop van drie waar ze zeiden, in de zorgfraude gaat er 10% meer crimineel geld om dan in de hele cocaïnehandel van Nederland. En dat is voor een deel ook de gemeentelijke zorgkosten. Nou, daar schrokken we natuurlijk enorm van. We hebben ook bij collega Belt dat deze tussen ons beleid, maar in het WMO-beleid staat ook een stukje over dat we daarmee aan de slag willen. Aantal dingen die in deze motie staan die geven daar een richting aan. Het helpt mij en ons wel dat u zegt volgend jaar Q1 te rapporteren, want dat is nou een onderwerp waarvan ik zeg, OK, hier zit geen dekking bij. Ik denk dat een heel aantal dingen hebben in processen kunnen bijsturen of aandikken of inkleuren op basis hiervan, maar waar het nodig is om te zeggen dat bijvoorbeeld de mensen die op ondermijning zitten hier dan prioriteiten moeten geven, ja, dan moet je ook kijken naar het jaarplan, dus dan zou het mooi zijn inderdaad, als u hier zegt, daar komen we dan over de jaarwisseling op dat we kunnen kijken van. Nou ja, als we hier prioriteit aan geven, dan kan het zijn dat we een aantal andere onderwerpen een half jaar opschuiven of vervangen of aanvullen. Vragen dus die ruimte, neem ik dan, zeg ik dan nog maar even. Maar ik vind ook dat het bij de kwaliteitstoets op bijvoorbeeld zorguitgaven hoort dat we hiermee aan de slag gaan, dus dat is even het verhaal hoe ik dit zou aanpakken. Ik heb tijdje geleden ook van één van de mensen die aan die VNG-leidraad hebben geschreven. Die was toen bij ook in Leiden en die gaf aan dat ze. Echt als gemeenten samenwerkende gemeentes ik geloof in 7 jaar tijd 14 miljoen hebben teruggevonden. Ja, dat ging echt om groot geld in grote gemeente, dus ik zeg altijd maar zo stel je voor dat 10% ervan klopt, hè? Dan heb je de motie al wel gedekt en dat kun je natuurlijk nooit zomaar zeggen, hè? Dus dat weet ik ook wel, dus je moet eerst werken voor je het verdient. Maar wat ik bedoel te zeggen is, ik vind het wel de moeite waard om dit te proberen. Het college vindt dat en omdat het echt echt ondermijning raakt. Sta ik hier nu, maar dat is natuurlijk ook voor zorg en dat geldt ook voor alles waar uitkeringen en dingen in gaan.
Gaan we naar de tweede termijn van de zijde van de gemeenteraad? Wie wenst het woord? Mevrouw Van Den Heuvel? Ja, ik hoop dat de collega's mij heel schappelijk dan toch nog een paar minuten gunnen. Ik zal het kort houden, beloofd. We hebben de wethouder gehoord, flexibiliteit, wendbaarheid van de begroting. We hebben ook uitgestoken, hand gehoord kom met hè? Mooie voorstellen morgen al dan niet bij de begroting. Die hand nemen we aan en wij zullen zeer zeker morgen komen met hele mooie voorstellen voor onze economie en onze ondernemer.
Terugtrekken? Dank u wel verder. Nee, meneer Streefkerk. Ja, voorzitter, we hebben ook de indruk gekregen, ook zo een beetje in de schorsing, dat er morgen brede steun is voor een aantal concrete voorstellen op het sociaal domein en
Trekken we ook het amendement in, hoeft niet in stemming te worden gebracht. Dank u wel. Verder nog iemand in deze termijn? Meneer Mathlouti, ja voorzitter, dank. Denk zeker ook een dankwoord aan de wethouder, die toch echt wel een handreiking doet aan in ieder geval de PvdA om met concrete voorstellen te komen. Ik ben heel erg benieuwd. Volgens mij hebben we eerder. Daar refereerde ik.
Elkaar gevoerd en heel erg de discussie ook met elkaar gehad. Ik ben benieuwd. Dank. Verder nog iemand? Nee. Check, ronden we het hiermee af. Gaan we over tot de
Motie is met algemene stemmen aangenomen. Ronden we dit agendapunt daarmee af. Zijn we bij agendapunt 9.7, want 9.6 hebben we al aan het begin van de bespreekstukken gedaan. Dat is een motie van de heer Visser van de fractie van het CDA.
Bokker weer om zijn rol hier in te nemen, meneer Visser. Dank u wel, voorzitter. Het laatste agendapunt van de dag. Een agendapunt dat een belangrijk agendapunt is in mijn ogen, omdat het feiten betreft die inmiddels 80 jaar boven de markt hangen en behoefte hebben aan een beëindiging. In mei '24 verscheen er een bericht in de krant dat er nog 55 gemeentes in Nederland waren die geen aandacht besteedden aan het onderwerp waar ik het over heb. In juni '25 verschijnt er een bericht in de krant dat er nog 8 gemeentes over zijn die geen aandacht besteden aan dit onderwerp. En het zou toch erg jammer zijn als vanavond zou blijken dat onder die 8 nog steeds Leidschendam-Voorburg thuishoort. En waar heb ik het dan over? 80 jaar geleden rond deze tijd kwamen de eerste Joodse Nederlanders, Sinti, Roma, verzetsmensen, personen die de bezetter anderszins in staat achtte, treurig naar huis. Om in heel veel gevallen geen huis meer te vinden. Dat is een akelige periode geweest, daar zijn we het allemaal over eens en zo'n akelige periode vraagt natuurlijk om een goede afsluiting en vooral ook om te dienen als les over het verleden. En daarom dus ook over een volledige verslaglegging, want dat nooit meer zou toch een uitdaging moeten zijn. We zien tegenwoordig in de wereld hoe fragiel wetten en regels kunnen zijn en hoe lastig degelijk bestuur soms is. Met vastlegging van het verleden bied je natuurlijk nooit een oplossing voor de toekomst, maar je biedt wel inzicht en daarom wilde ik voorstellen aan deze raad om deze motie aan te nemen. De gemeente van Leidschendam-Voorburg, gehoord de beraadslaging en constaterende dat het 80 jaar geleden is dat de Tweede Wereldoorlog ten einde kwam. Die bezetting in Duitsland, Voorburg, diepe sporen heeft nagelaten dat veel inwoners in Voorburg, Leidschendammers, Stompwijk, Joodse Nederlanders, Sinti, Roma, verzetsmensen, personen door de bezetter anderszins als ongewenste of erger bestempeld, al hun bezittingen hebben verloren als al niet hun leven hadden verloren. Overwegen dat in veel gemeenten van Nederland reeds historisch en archiefonderzoek is gedaan naar de gang van zaken rond het onroerend goed als gevolg van de deportaties van deze groepen. Overwegen dat met het plaatsen van de laatste Stolperstein in onze gemeente dit jaar dit in ieder geval duidelijk is wie en waar woonde en dat die op deze manier ook herdacht worden. Zou het ook goed zijn om dit hoofdstuk af te sluiten door ook te onderzoeken hoe en op welke manier er is omgegaan met onroerend goed in deze gemeente. Wetenschappelijk en archiefonderzoek naar ontwikkelingen doen en de afwikkeling door alle instanties, bedrijven en organisaties en personen rond het vastgoed en een mogelijk onroerend goed dat werd door de bezetter afgevoerd, gevangen gezet, geëxecuteerd en gedeporteerde inwoners vanuit dan Voorburg en Stompwijk in de periode '40-'45. Daardoor daarvoor een passende werkgroep in te stellen, bestaande uit leden van onze erfgoed- en historische verenigingen dan wel door deze verenigingen voorgedragen kandidaten. Deze werkgroep de opdracht te verstrekken een onderzoeksvoorstel te doen om de betreffende thema's uit te werken en op basis van het onderzoeksvoorstel een opdracht uit te schrijven voor een archief- en historisch onderzoek van deze groep. Voor dit onderzoek voldoende middelen ter beschikking te stellen en de raad in het derde kwartaal te informeren over de stand van zaken en dan ook te bevorderen dat na afronding van het onderzoek dit ter publicatie wordt aangeboden aan.
Burgemeester, nu het woord. Ja, dank u wel. Dit onderwerp is een tijdje geleden ook in de raad besproken en uiteindelijk daarvan hebben we met elkaar afgesproken: we beleggen een expert meeting of een bijeenkomst van deskundigen, zo u wil, waarbij ook u als raad uitgenodigd bent en ook ten dele daarbij aanwezig bent geweest. Kijk, ik nadrukkelijk ook even naar de heer Visser en mevrouw Duijvestijn, die dat waren namens u. En toen hebben we het daar over gehad, over de rol van de gemeente in dit hele dossier, als ik het zo even mag zeggen. En waar we als gemeente naar hebben gekeken is: er zijn van die boeken, hè? Nou ja, dat zijn een soort registers en er zijn er in die tijd 39 panden die het, nou ja, specifieke vergrootglas op zich hadden. Daarvan is gekeken, hadden wij als gemeente een rol bij de aanloop verkoop bij? Nou, dat is niet zo. Was college gezegd: nou, dat is voor ons voldoende om hier zo naar te kijken. Tijdens die bijeenkomst werd door natuurlijk mensen uit de historische vereniging en ook de mensen uit de werkgroep Stolpersteinen gezegd: ja, er kan nog veel meer onderzocht worden en we willen nog veel meer weten. En daarvan hebben wij als college gezegd: ja, als het gaat om het voldoen aan de vraag, wat was je rol en wat weet je, hebben we gezegd: dit is voor ons het antwoord nu. En voor het overige, nou u was erbij, hè? Is het ook echt een discussie die u met elkaar moet voeren als je dit wil, weet je wat daar achter weg komt aan, nou ja, opvolgverplichtingen aan dingen die er nog achter weg kunnen komen. Puntje over de dekking is dat in de tekst in ieder geval die ik had, daar staat dat het zou worden gedekt uit een budget dat inmiddels op min €3 staat. De festiviteiten rond de 80 jaar bevrijding, dus daar is de dekking niet te halen, maar hoe dat is iets wat u zelf verder moet bekijken. We hebben als college wel de vanmorgen ook over gehad, nog een keer en gezegd: ja, er zijn ook wel. Als je dit allemaal op een rijtje gaat zetten en daar een rol in neemt als gemeente, kan het ook zijn dat je daarna ook, nou ja, op andere punten daarvoor een verantwoordelijkheid op je neemt die je nu nog niet kan overzien. Dus dat zeg ik ook maar even hardop, maar voor het overige ja, de dekking is duidelijk, die zit hier niet in en dit kost wel echt volgens die werkgroep toen ook, want
En voor het overige laat ik hem aan de gemeenteraad, voorzitter. Dank. Reactie voorzitter, mag ik één aanvulling geven? Misschien, voorzitter, dat mag en daarna meneer Wilschut. Met excuus. Wat betreft de dekking kan natuurlijk ook. Ik hoorde een mooi bedrag van € 516.000 dat uit het onroerend vastgoed OZB overblijft. Misschien dat daarvoor een gedeelte of in ieder geval uit de reserve algemene middelen een behoorlijk bedrag beschikbaar kan worden gesteld. Maar de schatting van de hoogte van het bedrag is natuurlijk een lastige, omdat je niet weet in hoeverre en wat een onderzoeker kan tegenkomen en hoeveel tijd je nodig hebt om dat op een fatsoenlijke manier op papier te zetten. Maar wat mij betreft kan het natuurlijk niet zo zijn dat
Onderzoek omdat we vinden dat we dat niet goed in één keer zouden moeten doen. Meneer Wilschut, ja, mijn vraag ging er vooral over verduidelijking van de portefeuillehouder over als we dit doen.
We zien dat alle gemeentes het heel verschillend invullen, hè? Lichte toetsen, zware toetsen en dat er ook gemeentes zijn waar inmiddels ook de vraag is neergelegd: waar neem je als vertegenwoordiger van de maatschappij als gemeente je verantwoordelijkheid ook financieel als er dingen mis zijn gegaan en net na de oorlog of als er daar bezit van handig gewisseld is? Maar de vraag is of dat allemaal eerlijk is gegaan. Of je daar dan niet collectief ook iets mee moet? En dat zien we in ieder geval op sommige plekken ook die discussie al oplaaien, dus vandaar dat ik het wel van belang vind om dat ook gezegd te hebben. Dat dat nou ja, een
Omdat hij als overweging hier verder niet bij zat, dacht ik: het is wel goed om dat hardop te zeggen. Mevrouw Van Weers: ja, het is dat dat natuurlijk een hele pijnlijke situatie kan zijn als je op dingen stuit die je eigenlijk niet wil weten. Maar voor mij is dat geen reden om je kop in het zand te steken en het niet te doen.
Uitvaart gaat worden, dus dat we dit gewoon uit de algemene reserve kunnen halen. Meneer Wilschut. Nou, ik kan me wel voorstellen, want volgens mij is het wel goed om dit te doen, maar ik denk wel dat het misschien verstandig is om even over die dekking nog na te denken, omdat hij nu uit
Vraag ik jou ook even, de heer Visser. Meneer Visser, behoefte om te reageren? Elke vorm van dekking die ik zou kunnen vinden, is natuurlijk goed wat dit betreft. Ik vind gewoon dat geld geen reden mag zijn om...
Dan gaan wij nu stemmen. Heeft iemand behoefte aan een stemverklaring? Mevrouw Van den Heuvel weet dat het officieel geen stemverklaring is, maar ik worstel toch een beetje met die dekking en er wordt net een handreiking.
Visser wil overleggen. Nou, ik geef u 2 tot 5 minuten om het te overleggen, ook op verzoek van mevrouw Van den Heuvel denk ik, gaan we om kwart voor verder.
Gelukt binnen een minuut, maar u hoort ons gelukkig wat meer tijd gegeven. Maar ik geef graag het woord aan de heer Visser. Nou doe ik dat ook. Dank u wel, voorzitter. Uitgaande van het feit dat ik deze motie even mag aanhouden tot morgen. Formeel mag je een motie natuurlijk niet aanhouden, maar gegeven het feit dat we morgen vergaderingen hebben.
Heb, hoop ik, op coulance van de voorzitter en de griffier zal ook morgen met een voorstel komen voor de dekking en dan de motie alsnog opnieuw indienen. Nou, u weet net zo goed als ik, of misschien zelfs nog wel beter, dat dat zo niet werkt bij de gemeente, dus u mag hem gewoon terugtrekken en een betere of een nieuwe aangepaste morgen indienen. Dan doe ik het op die aanhouder bestaat niet in de gemeenteraad en dat is misschien goed, want u heeft zelf gezegd dat u hem gaat aanpassen, dus we komen er gewoon morgen op terug. Voel u vrij en als u de nieuwe motie bij de griffie neerlegt, komt u vanzelf ook weer bij de stukken voor morgen. Heel goed. Dank u wel voor dit overleg en deze uitkomst. Verder nog iemand iets voor?