Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie.
Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven.
Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.
Deze raadsvergadering. En als u plaatsneemt, dan kunnen we ook daadwerkelijk met de vergadering beginnen. Ik heet u allen van harte welkom bij deze raadsvergadering. Ik kom straks inhoudelijk bij de vaststelling verder van deze agenda voor vanavond, maar voordat wij verder met de vergadering gaan beginnen, wil ik u vragen ook vanwege een bericht van overlijden van een oud-raadslid onder ons wil ik u vragen om te gaan staan, zodat wij ook een moment hebben. Op 15 februari 2020 is ons oud-raadslid Paul van Reeden op 62-jarige leeftijd overleden. Paul heeft vanaf maart 2018 een korte tijd deel uitgemaakt van onze gemeenteraad. Maar nieuw in de raadzaal was hij zeker niet. Paul heeft namelijk als voorzitter van de voetbalclub RKVV regelmatig ingesproken hier in deze raadszaal over het sportbeleid. Of het nu ging over de nota beleidsvisie sport of over de kunstgrasvelden of bij de kadernota. Hij stak zijn soms ook wel gepeperde mening absoluut niet onder stoelen of banken. Als een warm pleitbezorger kwam hij op voor de belangen van zijn voetbalclub RKVV. Een aardige anekdote is dat enkele jaren later de bestuurder met wie hij in die tijd regelmatig de degens kruiste, wethouder Kees van der Brugge, zijn buurman werd. Het was even spannend hoe dat zou uitpakken, dacht hij. Maar die vrees was ten onrechte, want Paul en Kees konden het uitstekend met elkaar vinden. In zijn maidenspeech hier in onze raad refereerde Paul nog aan de tijd dat hij als inspreker in de raad verscheen en in die periode had de politiek overigens niet zijn interesse. Zijn beweegredenen om in 2018 wel de lokale politiek in te gaan omschreef hij als volgt: Het is een eer om als raadslid de inwoners te mogen vertegenwoordigen en vooral een uitdaging om dat goed te doen. Hij gaf daarbij aan dat het voor hem ontzettend belangrijk is om zijn capaciteiten in te zetten voor de gemeenschap, waar hij zelf een onderdeel van is. En dat kan op vele manieren en één daarvan is in de lokale politiek. En daar heeft hij in 2018 voor gekozen. In de korte periode dat Paul raadslid is geweest, heeft hij ook deel uitgemaakt van het presidium. Daar hebben we Paul leren kennen als iemand die de verbinding zocht, stond voor harmonie in de samenwerking. En als een echte marineman hield de kapitein ter zee buitendienst altijd koers op het haalbare resultaat. In zijn maidenspeech zei Paul dat de vraag hoe hij het raadslidmaatschap zou gaan vervullen voor hem een ontdekkingstocht zou worden. Helaas is dat een korte ontdekkingstocht geworden. Wij herdenken Paul in ere. Laten we een moment stil zijn en hem herdenken. Ik dank u wel. Aan het begin van deze vergadering heb ik verder geen mededelingen. Ik heb geen bericht van verhindering ontvangen, maar ik weet niet of de heer Klaassen nog later aanschuift. De heer Rozenberg. De heer Klaassen is...
Heer Klazenga is verhinderd om vanavond de vergadering bij te wonen, dat is genoteerd. Dan de mededelingen over de agenda van vanavond. Bij het agendapunt sociale woningbouw is in de commissie afgesproken om daar nog ongeveer 30 minuten een bespreekpunt van te maken. Daar zijn ook diverse moties en amendementen bij. En datzelfde geldt ook voor het 10 minuten debat over de APV. Het zal heel knap worden als we al die amendementen in 10 minuten met elkaar bespreken en daar een debat over voeren. Daarom heeft de griffie u laten weten om ook dat punt over te hevelen naar de bespreekpunten, zodat we daar ongeveer pakweg 3 kwartier spreektijd in totaal voor kunnen agenderen. Er is een motie vreemd aan de orde van de dag. Die zal dan als laatste agendapunt worden toegevoegd en op dat moment ingediend worden. Dus mijn voorstel is om van de 10 minuten debatten alleen het enige agendapunt dat dan ook bij de 10 minuten debatten overblijft, wat gaat over de trouwlocaties, als 10 minuten debat te houden en de overige als bespreekpunten. Daartoe zijn de spreektijden verdeeld en ik wil ook voorstellen dat we bij de bespreekpunten eerst even de moties en amendementen indienen, zodat het gelijk onderdeel kan zijn van het debat en we ons daar ook op kunnen richten. Dat is niet onderdeel van de spreektijd, maar dan gaat de spreektijd in als we het debat gaan voeren. Kunt u daarmee instemmen dat we zo de agenda vorm en inhoud geven, dan gaan we dat op die manier doen. En bij de 10 minuten debatten blijft er een agendapunt over. Dan proberen we ons te richten op een minuut per fractie en college. Dat wat betreft de vaststelling van de agenda. Akkoord.
Dan komen we bij agendapunt twee en dat is het vragenuur. Met het vragenuur zijn er diverse fracties die vragen willen stellen, in totaal zijn dat er volgens mij zeven. En ik wil beginnen bij de fractie van D66, de heer Van Maldegem, die over de lokale lasten vragen wil stellen. Ik heb begrepen dat de heer Rozenberg ook over de lokale lasten vragen heeft, maar dat was specifiek op een onderdeel van de lokale lasten, dus ik wilde voorstellen om eerst de vragen van D66 te behandelen en dan behandelen we de andere vragen over lokale lasten. En mag ik wethouder Rouwendal uitnodigen? En dan kunt u voorlopig ook even hier blijven, wethouder, want daarna komen nog andere series vragen die u mag beantwoorden. De heer Van Maldegem, aan u het woord. Dank u wel, voorzitter.
De D66-fractie heeft wat vragen naar aanleiding van de beantwoording door het college over vragen rondom de lokale belastingen, voorzitter. We zijn blij dat het college erkent dat de lokale belastingen in Leidschendam-Voorburg hoog zijn. Want dat is een feit. Het college zegt ook dat de lokale lastenstijging, dus de lokale ontwikkeling van de belastingen, een ongeschikt instrument is om politieke keuzes tussen gemeentes te vergelijken. En dat leidt bij ons tot de eerste vraag. Is het college dan ook van mening dat de lokale lastenstijging, dus de mutatie erin, een slecht instrument is, maar de hoogte van de belastingen ook een verkeerd instrument is om politieke keuzes tussen gemeentes te vergelijken? En als het antwoord daarop ja luidt, dus het is wel een goede indicator, sorry, zo heb ik hem ingediend, als het wel een goede indicator is om te vergelijken, hoe beoordeelt het college de eigen politieke keuzes dan? En zo nee, zeggen lokale belastingen dan überhaupt niets over politieke keuzes naar de mening van het college? In de antwoorden op de vragen van D66 zegt het college ook geen idee te hebben, en dat is geparafraseerd, niet te weten denk ik, dat wil zeggen hoeveel andere gemeentes al eerder BTW op de rioolheffing hebben doorberekend aan inwoners, waardoor het nu dit jaar 17% duurder is om in deze gemeente riool te hebben. En het college zegt ook geen idee te hebben hoe de hondenbelasting zich ontwikkelt in andere gemeentes. En die twee antwoorden, namelijk "we hebben geen idee", wat zegt dat over de manier waarop dit college de lokale belastingen vaststelt? En de D66-fractie heeft wat signalen gekregen uit de samenleving dat sommige mensen zichzelf rot zijn geschrokken over die enorme verhogingen. Vandaag zit er ook iemand op de publieke tribune die ons dat liet weten. Maar heeft het college zelf ook signalen ontvangen van inwoners die geschrokken zijn van de enorme stijgingen? Want we zijn recent natuurlijk geconfronteerd met de envelop op de deurmat. En als laatste vraag: heeft het college sinds de beantwoording van de feitelijke vragen van D66, sorry, de beantwoording van D66-vragen, nog nieuwe inzichten opgedaan over de lokale belastingen? En zo ja, welke zijn dat dan? En zo nee, wat belooft dat dan voor de belastingen voor volgend jaar die we bij de kadernota gaan behandelen? Dat was het, dank u wel.